L.jpgWielrijderseskadron der 9de Infanteriedivisie

Escadron Cycliste de la 9e Division d'Infanterie

Overzicht op 10 mei 1940

Type
Verkenningseenheid van de infanterie
Ontdubbeld van
3de Regiment Lansiers
Onderdeel van
9de Infanteriedivisie
Bevelhebber
Kapitein-commandant G. L. C. "Willy" Dumont de Chassart
Standplaats
Kanaal Dessel-Kwaadmechelen
Ondersector Balen-Kwaadmechelen
Samenstelling
1ste Peloton (Onderluitenant J. Verbeet)

2de Peloton (Onderluitenant A. Snollaerts)

3de Peloton (Luitenant M. Van Steenkiste)

4de Peloton (Onderluitenant H. Eraly)

18-Daagse Veldtocht

Datum
Belangrijkste Gebeurtenissen

In september 1939 wordt ook het eskadron wielrijders van de 9de Infanteriedivisie gemobiliseerd. De eenheid komt onder het bevel te staan van de 46-jarige Willy Dumont de Chassart die als reserve-officier van het Remontedepot te Brasschaat is overgekomen.
10mei.jpg
Op 10 mei 1940 is het eskadron verantwoordelijk voor de verdediging van het zuidelijke deel van het Verbindingskanaal Dessel-Kwaadmechelen tussen Balen en Kwaadmechelen. De commandopost staat opgesteld te Meerhout. De hoofdtaak van het eskadron bestaat uit het bewaken van de kanaaloever en bemannen van de steunpunten nabij de vijf bruggen in hun zone (Balen-Hoolst, Olmen-Dorp, Olmen-Gervoort, Kwaadmechelen-Gerhoeven en Kwaadmechelen-Veldhoven. Het eskadron behoort nog steeds tot de 9de Infanteriedivisie, maar ontvangt zijn operationele instructies van het Vooruitgeschoven Inlichtingencentrum te Herentals

Het eskadron wordt gealarmeerd om 01u30. Als eerste taak laat Kapitein-commandant Dumont de FM30 machinegeweren in luchtafweerstelling plaatsen nabij de bruggen over het kanaal in zijn ondersector. Dumont wordt vervolgens verwittigd dat de 11de Infanteriedivisie het Kamp van Beverloo zal evacueren en in de richting van de K.W. Stelling zal terugtrekken. De divisie zal hierbij ook gebruik maken van de brug van Kwaadmechelen-Veldhoven en de eerste troepen mogen vanaf 08u00 verwacht worden. Ondertussen worden de pelotons naar hun posities gestuurd.

De pelotons melden klaar tot de actie te zijn tussen 04u00 en 04u30. Een gevechtsgroep van het 3ste peloton is verantwoordelijk voor het steunpunt nabij de brug van Balen-Hoolst (Brug 6). Vervolgens worden van noord naar zuid diverse steunpunten van het 3de, 2de en 1ste peloton ontplooid, versterkt nabij de bruggen met de nodige mitrailleurs van het 4de peloton van Onderluitenant Eraly.

Onderluitenant Verbeet vertrekt om 07u05 met drie andere militairen per motorfiets op patrouille naar Nederland. Het detachement krijgt de opdracht om een verkenning in de diepte uit te voeren om de opmars van de vijand door Nederlands Limburg na te gaan. Het groepje stuit in de buurt van Sittard op Duitse parachutisten. Een van de manschappen wordt van zij motor geschoten en wordt gewond achtergelaten. Verbeet en zijn twee overgebleven manschappen kunnen zich verschuilen en weten naar het Kamp van Beverlo terug te keren. De patrouille brengt hier de nacht door, deels gedwongen door de bijzonder slechte staat van de opgeëiste motorfietsen waarop de verkenners zich verplaatsen. De onderluitenant is van plan om 's anderendaags meer geschikte motoren op te eisen in Leopoldsburg.

Om 07u35 trekken de eerste militairen van de 11de Infanteriedivisie over de brug van Kwaadmechelen-Veldhoven. De soldaten behoren tot het 29ste Linieregiment. Verschillende detachementen zullen voorbij marcheren tot ongeveer 11u00.

Commandant Dumont stuurt om 09u00 zijn bagage-echelon over het Albertkanaal naar Veerle. Dumont krijgt tevens de toestemming van het Voortuigeschoven Inlichtingencentrum van Herentals om over te gaan tot alle noodzakelijke opeisingen. De pelotonscommandanten krijgen een lijstje van materieel en voorraden die ter plekke moeten gezocht worden.

Luitenant Van Steenkiste van het 3de peloton is daags voorzien uitgestuurd op zending naar het Kamp van Beverlo. Van Steenkiste kan rond 09u55 telefonisch contact opnemen met de commandopost van het eskadron en bevestigt het luchtbombardement op het kamp eerder op de ochtend. Het detachement wordt teruggeroepen rond 10u30 met de opdracht op zoveel mogelijk levensmiddelen mee te brengen uit de legerplaats.

Om 16u30 krijgt het eskadron het bevel om alle overgebleven binnenvaartschepen op het kanaal tot zinken te brengen en de brug van Kwaadmechelen-Veldhoven op te blazen. De overige bruggen worden vernield tussen 18u00 en 19u00.

De staf van de 9de Infanteriedivisie laat weten dat voor de komende nacht de helft van het personeel van wacht dient te zijn, terwijl de overige helft mag slapen op de stellingen. Bij zonsondergang en zonsopgang moet het volledige effectief voor enige tijd in staat van paraatheid gebracht worden.
11mei.jpg
Na een kalme nacht brengen de pelotons verslag uit bij Kapitein-commandant Dumont. Luitenant Vansteenkiste meldt dat Balen er rustig bij ligt. Langsheen de oever van het kanaal heerst wel een grote drukte aan vluchtelingen en jongeren die opgeroepen zijn voor de werfreserve van CRAB. Af en toe trachten groepjes mensen het kanaal over te steken op een geïmproviseerd vlot. Tussen brug 5 en brug 6 zijn de laatste binnenschepen tot zinken gebracht zodat de vijand deze niet als noodbruggen kan gebruiken.

Sergeant Cornelis wordt uitgestuurd aan het hoofd van een patrouille naar het Kamp van Beverlo te Leopoldsburg in de hoop Onderluitenant Verbeet te kunnen terugvinden. Verbeet en zijn twee manschappen bevinden zich nog steeds te Leopoldsburg en krijgen de opdracht om hier de komst van de vijand af te wachten. Sergeant Cornelis heeft eveneens de taak meegekregen om te Beverlo trachten na te gaan of de Duitsers Bree, Bocholt of Lommel bereikt hebben en mag dan terugkeren naar het eskadron.

De rest van de dag verloopt relatief rustig. Om 15u20 meldt Onderluitenant Verbeet per telefoon dat de vijand Hechtel bezet heeft. Sergeant Cornelis wordt omstreeks 18u30 teruggestuurd naar Leopoldsburg om een nieuwe stand-van-zaken op te vragen bij de officier. Verbeet keer later op de avond terug naar het eskadron.

Kapitein-commandant Dumont laat een vrachtwagen aanrukken uit Veerle om de kruidenier te Meerhout te laten leegmaken. Dumont vreest dat zijn eskadron bij een mogelijke verplaatsen niet makkelijk aan bevoorrading via de logistieke keten zal komen en wil dan ook in zijn eigen onderhoud kunnen voorzien.

Omstreeks 18u30 trekken enkele voertuigen van de bagageechelons van de 18de Infanteriedivisie doorheen Meerhout. Het detachement bevestigt dat hun divisie langsheen het Verbindingskanaal Maas-Schelde contact gemaakt heeft met de vijand en samen met de troepen van het Franse 7de Leger tot de verdediging van het kanaal overgegaan is.

Tijdens de vooravond breken de eerste schermutselingen nabij het noordelijke uiteinde van het Kanaal van Dessel naar Kwaadmechelen. Om 23u00 besluit Kapitiein-commandant Durmont in samenspraak met het Eskadron Wielrijders van de 6de Infanteriedivisie om tegen de volgende ochtend de terugtocht aan te vatten.
12mei.jpg
Omstreeks 01u00 worden alle manschappen in staat van alarm gebracht. Het peloton verkenners van het 1ste Regiment Karabiniers komt aan omstreeks 02u00 en zet een goed uur later zijn aftocht voort. Om 02u30 laat Kapitein-commandant Dumont de telefooncentrale van Meerhout vernielen. De installaties krijgen een kleine springlading en zijn binnen de twintig minuten geheel onklaar gemaakt. Het eskadron maakt zich klaar voor de aftocht en verzamelt om 03u25 aan de Rijkswachtbrigade te Meerhout. Een goed half uur later wordt de kerktoren van Meerhout in brand gestoken door Wachtmeester Gaillard. Het eskadron wil hiermee beletten dat de vijand het gebouw als observatiepost zou gebruiken. Ook elders worden diverse voorbereide vernielingen aangezet. Zo wordt ook de windmolen van Meerhout opgeblazen door een ploeg van het 2de peloton.

Om 06u45 passeert het eskadron over de brug over het Albertkanaal te Eindhout. Kapitein-commandant Dumont laat koers zetten naar Klein-Vorst. De eskadronscommandant wil zich installeren in de oude commandopost van het 9de Linieregiment maar ontdekt dat alle telefoonverbindingen afgesneden werden bij de terugtocht van dit regiment. Hij gebruikt dan maar een van zijn reisduiven om het resultaat van zijn terugtocht te bevestigen bij de divisiestaf. Dumont kiest dan maar een woning uit op een paar honderd meter van de kerk van het dorp. Zijn eskadron wordt ondertussen ontplooid langsheen de kanaaloever tussen bunker HK23 en de wegbrug van de Gestelsesteenweg ten noorden van Genendijk.

De militairen zijn bijzonder nerveus door het vertrek van de 6de Infanteriedivisie van het Albertkanaal en vrezen dat de vijand hen op de hielen zit en het niet lang zal duren eer deze het kanaal zal bereiken. Het 3de peloton raakt omstreeks 13u00 bijzonder bevangen door deze paniek. Talrijke manschappen rennen tot in Klein-Vorst waar de eskaronscommandant er in slaagt om de meesten tegen te houden. Om 14u45 stormt Luitenant Van Steenkiste binnen op de commandopost van het eskadron om te melden dat de Duitsers daar zijn. Kapitein-commandant Dumont is woest omdat de officier zijn positie verlaten heeft en stuurt hem onmiddellijk terug. Enkele manschappen van de stafgroep verliezen hun koelbloedigheid en beginnen in het wilde weg te schieten. De rust keert echter al snel weer.

Een goed half uur later bezoekt Majoor Defraiteur van het Groot Hoofdkwartier de commandopost van het eskadron. Defraiteur is uitgezonden om een stand van zaken in de sector van de 6de Infanteriedivisie op te maken en orde op zake te stellen na het voortijdige vertrek van deze divisie. Kapitein-commandant Dumont krijgt het bevel om met een detachement de sluis van Kwaadmechelen te bezetten. Dumont verzamelt het stafpeloton en de tot inzicht gekomen militairen van het 3de peloton en vertrekt om 16u15 met dit detachement per fiets van uit Klein-Vorst. Hij rijdt via de posities van het 1ste en het 2de peloton aan de kanaaloever en volgt de dienstweg tot aan de sluis. Om 17u45 meldt hij dat de manschappen geïnstalleerd zijn op het sluiscomplex. Er valt niets of niemand te bespeuren. De eskadronscommandant staat verstelt van de grote hoeveelheid uitrusting die achtergelaten is door de militairen van het 1ste Regiment Karabiniers. Hij vindt drie geweren terug waarvan hij de serienummers noteert met de intentie om de eigenaars van deze wapens te rapporteren.

Om 19u00 besluit Dumont eigenhandig op verkenning te gaan naar de brug van Kwaarmechelen. Daar aangekomen valt hij onmiddellijk onder geweervuur. Een dertigtal Duitse militairen bevinden zich op nog geen 50 meter en aarzelen niet om de eskadronscommandant trachten neer te schieten. Deze maakt onmiddellijk rechtsomkeer en houdt zich in de buurt schuil tot de rust is weergekeerd. Een goed half uur later merkt hij opnieuw een klein groepje Duitsers op de restanten van de brug van Kwaadmechelen en besluit hij terug te keren naar de sluis. Wanneer Dumont Luitenant Van Steenkiste de nodige instructies wil geven voor de komende nacht, ontstaat een bitsige woordenwisseling. De luitenant wil zijn detachement op de zuidelijke oever houden en wil er helemaal niet van weten om ook de veldversterkingen op de noordelijke oever van het sluiscomplex te bezetten. Terwijl de beide officieren over de zaal discussiëren, komen de eerste manschappen toe van het 2de Regiment Gidsen. Dit cavalerieregiment is uitgestuurd naar de oude sector van de 6de Infanteriedivisie om de kanaaloever te helpen bezetten. Het regiment ontplooit op de rechterflank van het eskadron.

Kapitein-commandant Dumont keert terug naar zijn commandopost te Klein-Vorst. Tot grote ontsteltenis verneemt hij dat tijdens zijn afwezigheid eveneens de gevechtsgroep van Wachtmeester Poels van het 3de peloton er in paniek van door gegaan is.

Tijdens de avond wordt een poging ondernomen om de veldkeuken van het eskadron tot aan het Albertkanaal te rijden om een warme maaltijd te bezorgen aan de manschappen. Dit lukt echter niet om onduidelijke redenen. Allicht is de vrachtwagen met de veldkeuken op eigen houtje gevlucht uit Veerle.
13mei.jpg
In de nacht van 12 op 13 mei werkt het 2de Regiment Gidsen aan de installatie van zijn troepen. Wanneer Kapitein-commandant Dumont in de vroege ochtend een ronde maakt op zijn stellingen, blijkt Luitenant Van Steenkiste helemaal niet de nacht de hebben doorgebracht aan de sluis van Kwaadmechelen. De eskadronscommandant vindt slechts Brigadier De Rop en vijf manschappen van het stafpeloton terug. De rest van de manschappen is verdwenen en niemand weet waar Van Steenkiste is. Bovendien menen de militairen dat Adjudant Van Den Bogaert en Wachtmeester Beernaerts van het 3de peloton naar de vijand zijn overgelopen.

Eveneens tijdens de voorbije nacht is het 1ste Regiment Karabiniers teruggestuurd naar het Albertkanaal. Het eskadron wordt onder tactisch bevel van Kolonel SBH Oor, commandant 1C, geplaatst. De troepen blijven de ganse dag op post. Kapitein-commandant Dumont heeft regelmatig overleg met zijn nieuwe bevelhebber in diens commandopost te Vorst. Het 1C, 2G, Esk Cy 6Div en Esk Cy 9Div vormen samen de kern van de Groepering Ninitte.

Om 15u10 raakt Onderluitenant Eraly gewond aan het hoofd bij de ontploffing van een vliegtuigbom in de buurt van de stellingen. De officier wordt afgevoerd voor verzorging.

Wanneer tussen 16u30 en 17u00 het bericht circuleert dat de vijand zou aangekomen zijn op het Albertkanaal ten noorden van Klein-Vorst, worden nu ook de Karabiniers erg onrustig. Dumont merkt dat verschillende militairen het op een loopje zetten en maakt onmiddellijk melding bij de commandopost van Kolonel SBH Oor.

Tijdens de avond beveelt het IIde Legerkorps de aftocht van het Albertkanaal. Het eskadron zal samen met het 2de Regiment Gidsen de achterhoede vormen en komt nu opnieuw onder het bevel van deze eenheid te staan. Kapitein-commandant Dumont dient zijn pelotons op te stellen rond Klein-Vorst. Het 1ste peloton wordt ontplooid op zo'n 400m ten noorden van de kerk, dwars op de baan naar Leopoldsburg. Het 2de peloton net ten oosten van het dorp om de baan naar Tessenderlo af te grendelen. De restanten van het 3de peloton en het stafpeloton bewaakt het wagenpark in de omgeving van de commandopost van de eskadronscommandant in het dorpscentrum.

Rondom 20u00 verneemt Dumont dat nabij de sluis van Kwaadmechelen en te Tessenderlo vuurgevechten aan de gang zijn tussen het 2G en de aangekomen vijand. Opnieuw gaan enkele manschappen van het eskadron er van door.
14mei.jpg
Tijdens de nacht van 13 op 14 mei zijn het Eskadron Wielrijders van de 6de Infanteriedivisie, het Eskadron Wielrijders van de 9de Infanteriedivisie en het Eskadron Motorwielrijders van 2G verantwoordelijk voor het dekken van de terugtocht van het 1ste Regiment Karabiniers en het 2de Regiment Gidsen. Ongeveer anderhalf uur na het vertrek van het gros van 2G, valt het dorp Klein-Vorst rond 01u25 onder vijandelijk artillerievuur. De beschieting duurt een goed kwartier. Dit veroorzaakt niet alleen opnieuw paniek onder de manschappen, maar zorgt helaas ook voor enkele gewonden. Er worden ook verschillende fietsen vernield. Tijdens het bombardement vertrekken de overgebleven manschappen van het 3de peloton onder leiding van Luitenant Van Steenkiste op eigen initiatief richting Westerlo. Dumont kan dit detachement niet tegenhouden, maar zal een goed uur later een deel van hen terugvinden op de baan naar Vorst.

Het gros van het eskadron verlaat Klein-Vorst om 01u50, gedekt door een achterhoede geleverd door een detachement van het 2de peloton die een uur later vertrekt. Een twintigtal manschappen, waaronder Onderluitenant Snollaerts en Adjudant KROLt de Papeians de Morchhoven maken door het gebrek aan fietsen de aftocht te voet.

Het 1C houdt vanaf 05u00 halt te Hulsthout. Het eskadron volgt op enige afstand en wordt vanaf 06u00 ontplooid langsheen de spoorlijn Aarschot-Herentals om het kantonnement van de Karabiniers in de rug te dekken. Kapitein-commandant Dumont de Chassart stelt zijn commandopost op nabij de spooroverweg op de baan van Westerlo naar Booischot. De pelotons worden aanvankelijk ontplooid aan overwegen te Hulshout, Westmeerbeek en Ramsel. Kort na aankomst meldt hij enkele Britse pantserwagens gezien te hebben. Aangezien Westmeerbeek ver buiten het operatiegebied van de British Expeditionary Force ligt, betreft het hier allicht twee voertuigen van het Franse 7de Leger. Dumont heeft om 10u00 eveneens contact met de staf van het IIde Legerkorps. Enige uren laten wordt de ganse eenheid samengebracht en als één geheel ontplooid te Westmeerbeek om de huidige N15 af te grendelen.

Het eskadron blijft de ganse dag op post. Het wordt een dag van lang afwachten waarbij de eskadronscommandant tot op het nieuwe hoofdkwartier van de 6de Infanteriedivisie in het Fort van Sint-Katelijne-Waver trekt om nieuwe orders in ontvangst te nemen. Hij keert rond 15u00 terug naar zijn eenheid met de bevestiging dat het eskadron binnen de sector van de 6de Infanteriedivisie aan de K.W. Stelling zal ingezet worden. Dit order wordt om 20u00 echter gewijzigd. De eenheid dient terug te keren naar zijn organieke 9de Infanteriedivisie dat inmiddels op het Bruggenhoofd Mechelen ontplooid wordt. Het eskadron verzamelt voor de afmars om 23u30.
15mei.jpg
Het eskadron verlaat Westmeerbeek om 00u30. Luitenant Snollaerts levert de achterhoede. Via Duffel rijden de militairen naar Mechelen en komen hier om 02u10 aan. De manschappen bivakkeren in het park tegenover de Rijkswachtbrigade. Om 05u00 wordt koffie uitgedeeld. De nacht is bijzonder koud geweest en de manschappen hebben er slecht geslapen.

Kapitein-commandant Dumont rijdt naar het hoofdkwartier van de 9de Infanteriedivisie in het Fort van Walem. Hij krijgt de opdracht zijn eskadron in te kwartieren in de gemeenteschool van de wijk Galgenberg in het noorden van de stad. Om 07u30 is iedereen ter plekke en kan eindelijk bijgeslapen worden.
16mei.jpg
Het eskadron blijft zonder opdracht te Mechelen. De manschappen hebben er rust erg hard nodig.

Dumont wordt om 16u30 opnieuw ontboden op de divisiestaf. De 9de Infanteriedivisie zal naar de Bovenschelde overgebracht worden. Het voetvolk van de infanterie van de divisie zal met een konvooi van 120 autobussen van de Legerautogroepering in een ruk getransporteerd worden naar de regio van Kruishoutem. De wielrijders, paardengerij en motorvoertuigen van de infanterie, en alle andere eenheden van de divisie, zullen via de baan terugtrekken en krijgen hiervoor al naar gelang hun capaciteit twee of drie nachtelijke etappes voorgeschoteld. Het eskadron zal deze marscolonnes begeleiden bij hun tocht die over Dendermonde zal lopen.

Om 19u30 vertrekken het 1ste en 2de peloton naar de baan van Mechelen naar Dendermonde. De manschappen worden ingezet op verschillende locaties om het verkeer te regelen en dienen zich na de doortocht van de divisie te Dendermonde te hergroeperen. De restanten van het 3de peloton en het stafpeloton worden doorgestuurd naar Sint-Gillis nabij Dendermonde.

Even voor middernacht verneemt Dumont dat zijn eskadron het dorp Huise als eindbestemming krijgt. Hij besluit voorop te rijden met zijn installatiepersoneel en plot een marsroute uit over Gent en Deinze.
17mei.jpg
Na aankomst te Huise plaatst Kapitein-commandant Dumont het bevel over het kantonnement in handen van Adjudant KROLt Papeians de Morchoven. Hij zelf keer terug naar Deinze waar hij aan de Kapellestraat rendez-vous dient te maken met zijn eskadron. Dumont wacht hier een tijdje zonder succes en besluit dan terug te fietsen naar Gent. Onderweg komt hij verscheidende detachementen van zijn eenheid tegen die hij op de goede weg zet. Bij de doortocht te Sint-Denijs-Westrem ontdekt hij tot zijn grote verbazing de achtergelaten veldkeuken van het eskadron. Deze wordt gerecupereerd.

De eskadronscommandant is rons 16u00 opnieuw te Huise waar op dat ogenblik tevens talrijke Britse soldaten ingekwartierd zijn. Tegen 22u00 zijn de meeste achterblijvers van het eskadron aangekomen.
18mei.jpg
Bij dageraad komen de voertuigen van de Legerautogroepering toe met aan boord het Iste Bataljon van het 6de Regiment Jagers te Voet. De rest van dit regiment wordt te Auwegem afgezet. De infanteristen zullen overdag in het dorp kantonneren.

De divisie krijgt het bevel zich te ontplooien op de Bovenschelde, tussen Eke in het noorden (exclusief) en Zingem in het zuiden (exclusief). Ten noorden van deze sector begint het Bruggenhoofd Gent en liggen de posities van de 5de Infanteriedivisie. Ten zuiden van de sector zal de 10de Infanteriedivisie plaatsnemen. Het eskadron zal ingezet worden om een steunpunt te bezetten te Edemolen om de nabije verdediging van het nieuwe hoofdkwartier van de divisie te verzekeren. De manschappen worden verzameld vanaf 13u15 en vertrekken om 14u15.

De tocht naar Edemolen duurt slechts drie kwartier. Reeds om 15u20 kan Kapitein-commandant Dumont een schets met de geplande opstelling van zijn eskadron terugsturen naar de divisiestaf. Om 18u30 zijn alle pelotons geinstalleerd. De manschappen roteren tussen 1/3 met wachtdienst, 1/3 van piket en 1/3 met rust. De commandopost van het eskadron bevindt zich in een woonhuis even ten westen van de dorpskern. De komende nacht zal rustig verlopen.
19mei.jpg
Tijdens de nacht aanschouwt Kapitein-commandant Dumont het drukke verkeer op de Deinzesteenweg te Edemolen. Terwijl duizenden vluchtelingen door het duister naar het westen trekken, passeert een detachement van 4A op weg naar zijn posities voor het komende gevecht op de Bovenschelde.

Na het ontbijt om 07u00 maakt Dumont een ronde op de stellingen van zijn troepen. Alles wordt goed bevonden en de manschappen blijven gewoon aan het werk. Na een tweede inspectieronde net voor het avondmaal wordt een dag zonder incidenten afgesloten.
20mei.jpg
Kort na middernacht worden de militairen opgeschrikt door twee enorme explosies. Dumont kan de oorzaak niet achterhalen. Na zonsopgang neemt de activiteit van de Luftwaffe sterk toe. Talrijke vliegtuigen scheren over het dorp. Omstreeks 06u30 vallen enkele vliegtuigbommen nabij het kruispunt van de Oudendaarseheerweg en de Deinzesteenweg. Er is alleen materiële schade.

De veldkeuken kan een warm middagmaal bereiden. Het eskadron ontvangt kort na de middag eveneens een nieuwe hoeveelheid munitie. Bij het nakijken van zijn wapen schiet Brigadier Matthijsen van het 3de peloton zich per ongeluk in de hand. De ongelukkige brigadier wordt afgevoerd naar de medische hulpplaats van de divisie.

De rest van de namiddag verloopt nog steeds rustig. De manschappen vangen dan wel het geluid op van de gevechten op de Bovenschelde, maar bevinden zich op ongeveer 4,5Km van de frontlinie.

Om 22u45 wordt het eskadron in stand-by geplaatst voor een mogelijke verplaatsing. De divisiestaf laat weten dat verdere orders zo snel mogelijk zullen volgen. De manschappen maken zich klaar en wachten af gedurende een alweer erg koude nacht.
21mei.jpg
Het eskadron krijgt om 07u15 de toestemming om zijn manschappen te laten uitrusten. Het zal voorlopig niet tot een verplaatsing komen. Kapitein-commandant Dumont bezoekt rond 18u00 de commandopost van het 16de Linieregiment om de inzet van de divisie te bespreken, maar zijn troepen zullen nog steeds niet in actie komen.
22mei.jpg
Kapitein-commandant Dumont en zijn manschappen brengen hun derde dag door te Edegem.

De Duitsers zijn er te Oudenaarde in geslaagd een bruggenhoofd over de Schelde te slaan en de Belgische eenheden langsheen de Bovenschelde en in het Bruggenhoofd Gent lopen het risico omsingeld te worden. De staf van het Belgische leger plant een manoeuvre in twee fasen om deze troepen terug te plooien. In een eerste fase, tijdens de nacht van 22 op 23 mei zullen de 16de Infanteriedivisie en de 18de Infanteriedivisie herontplooien om de stad Gent te verdedigen terwijl de 1st Infanteriedivisie de stad zal verlaten en naar de streek van Kortrijk moet verhuizen. De 2de Infanteriedivisie en de 4de Infanteriedivisie zullen het Bruggenhoofd Gent verlaten, terwijl ten zuiden van de stad de 1ste Divisie Ardeense Jagers en de 5de Infanteriedivisie nog achter de Schelde opgesteld blijven teneinde de terugtocht van de 2de Infanteriedivisie en de 4de Infanteriedivisie te ondersteunen. De 9de Infanteriedivisie en de 10de Infanteriedivisie zullen tijdens deze eerste nacht de Bovenschelde verlaten. In een tweede fase, tijdens de nacht van 23 op 24 mei zullen de 1ste Divisie Ardeense Jagers en de 5de Infanteriedivisie zich vervolgens achter de Leie terugplooien.

Om 13u30 ontvangt Luitenant-generaal Vander Hofstadt de orders voor de aftocht. De 9de Infanteriedivisie wordt doorgestuurd naar Tielt en wordt aangeduid als reservemacht van het VIIde Legerkorps. Het 4A, het Esk Cy 9ID en het 17Li (minus het Iste bataljon) worden aangehecht bij de sterk verzwakte 2de Divisie Ardeense Jagers die de Leie tussen Deinze in het noorden en Ponthoek in het zuiden zal verdedigen.

Dit bevel komt aan bij het eskadron om 20u05. De manschappen zijn dan reeds op pre-advies geplaatst en hebben hun fietsen reeds bepakt. Het eskadron heeft dan ook slechts een twintigtal minuten nodig om zich klaar te maken en gaat tegen 20u30 de baan op richting Tielt. De colonne zal de zuidelijke marsroute van de divisie volgen over Machelen en Dentergem. Omstreeks 21u30 steken de militairen de Leie over te Machelen via de door de genie aangelegde bootbrug.
23mei.jpg
Om 00u50 houdt de kleine colonne halt nabij kilometerpaal 4,500 op de baan van Tielt naar Wakken. De manschappen worden ingekwartierd in de omliggende woningen. Kapitein-commandant Dumont ontvangt een bevel van de divisiestaf om ter plekke op verdere orders te wachten. Die komen er niet zodat de eenheid op deze locatie overnacht.
24mei.jpg
Om 03u00 komt een stafofficier van de 9de Infanteriedivisie aan met de verwachte nieuwe orders. Dumont roept zijn officieren samen maar tot een nieuwe inzet komt het alsnog niet. De troepen moeten hun huidige standplaats behouden. Tijdens de namiddag wordt dan uiteindelijk een nieuwe positie te Kanegem verkend.
25mei.jpg
De 9de Infanteriedivisie zal worden ingezet bij de verdediging van het Kanaal van Roeselare naar de Leie. Om 04u10 roept de divisie dan ook zijn wielrijders naar het zuiden. De manschappen verlaten Kanegem omstreeks 05u00 en verplaatsen zich via Aarsele en Dentergem naar Ginste. De eenheid wordt hier in reserve gehouden terwijl de vijandelijke opmars langsheen het Kanaal zich ontwikkelt.

Na tegenbevel van het VIIde Legerkorps wordt het eskadron teruggeroepen naar het noorden van Oostrozebeke.

De manschappen komen aan op de Ketelberg rond 08u00 en worden een goed uur later doorgestuurd naar de baan van Dentergem naar Olsene om er contact op te nemen met het 4ChA. Het eskadron wordt rond 13u00 ontplooid ten noorden van het gehucht Molenhoek. Er wordt beloofd dat het Iste bataljon van het 17Li deze stellingen zal vervoegen voor valavond, maar de infanteristen komen niet opdagen.
26mei.jpg
Het eskadron bevindt zich nog steeds op de Molenhoek ten oosten van Dentergem.
27mei.jpg
Het eskadron is nog steeds aangehecht bij het 4ChA en heeft stelling genomen rond een hoeve te Molenhoek nabij Lotenhulle. Ten ten oosten van deze positie bevindt zich het 4ChA. Commandant Dumont wordt rond 04u00 aangehecht bij het Iste bataljon van dit regiment en wordt naar kilometerpaal 7 van de baan van Dentergem naar Aarsele gestuurd. Anderhalf uur later zijn de manschappen op post.

Even voor 10u00 moet het eskadron het gehucht Molenhoek zelf bezetten om er de commandopost van het I/4ChA veilig te stellen. Dit bevel blijkt reeds achterhaald te zijn door de snelle Duitse opmars wanneer Dumont samen met zijn koppeloton een half uur later te Molenhoek onder Duits vuur valt. Het peloton vlucht weg en moet talrijke gewonden achterlaten ter plekke.

De eenheid wordt nu naar de buurt van Dentergem doorgestuurd, maar kan ook dit dorp niet meer bereiken en stoot opnieuw op vijandelijke eenheden. Ten slotte wordt samen met de commandopost van het 4ChA naar Wingene teruggetrokken. Het 4ChA wordt ter plekke achtergelaten en de manschappen vervoegen Ruddervoorde om tenslotte te Oostkamp te kantonneren.
28mei.jpg
Het eskadron legt de wapens neer te Oostkamp.

Register van Gesneuvelden

Esk Cy

CASTELYNS

Albert, J.

Sdt
Mil
35

29/06/1915

Antwerpen

12/05

Kwaadmechelen


Esk Cy

MORIS

Armand, A.

Sdt
Mil
35

02/05/1915

Putte

26/05

Dentergem


Esk Cy

VERBRUGGEN

Hendrik, A.

Brig
Mil
35

08/04/1915

Boom

13/05

Kwaadmechelen


Bovenstaande lijst werd opgemaakt aan de hand van het bestand der gesneuvelden van de Achttiendaagse Veldtocht van het Centrum voor Historische Documentatie van Defensie, aangevuld met zorgvuldig getoetste gegevens uit personeelsdossiers van de Sectie Administratieve Expertise - Ondersectie Notariaat van Defensie, het steekkaartenbestand van het IV-NIOOO en enkele overlijdensakten op bel-memorial.org. Meer informatie over het bestand der gesneuvelden vindt U op de pagina Aanpak en Achtergrond. Geverifieerde aanvullingen en correcties bij deze lijst zijn van harte welkom op 18daagseveldtocht@gmail.com
EskCy9ID_Sdt_Moris.jpg


Sdt Moris



Bibliografie en Bronnen

Stassin, G., jaartal onbekend, Cavalerie Motorisée, Brussel: Tank Museum.