MilitaireFabricaten.jpgInrichtingen voor Militaire Fabricaten (EFM)

Etablissements de Fabrications Militaires (EFM)

Overzicht op 10 mei 1940

Type
Arsenalen

Ontdubbeld van
n.v.t.

Onderdeel van
Territoriale Troepen en Inrichtingen
Bevelhebber
Luitenant-generaal Ingenieur der Militaire Fabricaten (IMF) Georges Jamotte
Standplaats
Diverse

Samenstelling
Inrichtingen Anti-Gas Beschermingsdienst
Werkplaatsen Anti-Gas Materieel (Maj IMF Liegois)

(Luitenant-kolonel IMF A. Leurquin)
Laboratorium van Vilvoorde (Luitenant R. Bontinck)




Koninklijke Kanongieterij
Fabriek (Maj IMF G. Marchal)

(Generaal-majoor IMF A. Fayt)
Compagnie Administratie




Staatswapenfabriek
Fabriek (1ste Kapitein IMF Paul Dufour)

(Kolonel IMF R. Bertrand)
Compagnie Administratie




Werkplaatsen voor Fabricatie van Munitie
Werkplaats (Maj IMF G. Hougardy)

(Kolonel IMF J. Brosius)
Compagnie Administratie (Cdt Laoureux)




Arsenaal voor het Wagenpark
Groepering Paardengerij (Berchem)

(Kolonel IMF J. Brasseur)
Groepering Fietsen en Motorfietsen (Gentbrugge)


Groepering Motorvoertuigen (Berchem)


Compagnie Administratie

18-Daagse Veldtocht

Datum
Belangrijkste Gebeurtenissen

FRC_ingangspoort.jpg
Ingangspoort van de Fonderie Royale des Canons gevestigd te Luik (naoorlogse foto)
IGFM/EFM

De Inrichtingen voor Militaire Fabricaten (EFM) bestaan uit een aantal fabrieken en andere vaste installaties die diverse wapens en uitrustingsstukken vervaardigen voor het leger. De EFM behoren tot de Territoriale Troepen en Inrichtingen en ontvangen bijgevolg hun orders van het Ministerie van Landsverdediging (MLV). Binnen het MLV bevindt zich de Algemene Inspectie van de Militaire Fabricaten (oftewel Inspection Générale des Fabrications Militaire - IGFM) geleid door Luitenant-generaal IFM Jamotte.

De Inrichtingen voor Militaire Fabricaten omvatten de volgende werkplaatsen en diensten:
  • De Inrichtingen der Anti-Gasbeschermingsdienst ook gekend als Etablissements du Service de Protection contre les Gaz (Et SPG), bestaat enerzijds uit de werkplaatsen (Atleliers de Matériel Anti-Gaz - AMAG) in het Fort van Steendorp nabij Temse en een laboratorium te Vilvoorde.
  • De Koninklijke Kanongieterij, beter bekend als de Fonderie Royale des Canons (FRC), is gevestigd aan de Quai Saint-Léonard Nr 79 te Luik en vervaardigt allerlei klein en groot geschut. Voor de oorlog geniet de FRC van een zeer goede reputatie. De bewapening ontworpen in het studiebureel van de FRC behoorde tot de beste van hun tijdperk. Het betreft dan vooral de C47mm anti-tankkanonnen en de C120mm, een stuk veldgeschut waarmee de artillerie was uitgerust. Het effectief van de FRC bedroeg 1.700 militairen en burgers bij het begin van de oorlog. De militairen tewerkgesteld in de FRC waren hoofdzakelijk officieren, versterkt met een beperkte groep onderofficieren, korporaals en soldaten.
  • De Staatswapenfabriek, oftewel Manufacture d'Armes de l'Etat (MAE), heeft een werkplaats in de Rue Saint-Léonard te Luik en produceert persoonlijke bewapening (bv. het Mauser M35 geweer). Bij de aanvang van de oorlog beschikt de MAE over 900 personeelsleden (burgers en militairen). De Staatswapenfabriek ligt vlakbij de FRC.
  • De Werkplaatsen voor Fabricatie van Munitie, oftewel Ateliers de Fabrication de Munitions (AFM) zijn ondergebracht op drie sites namelijk het Fort van Zwijndrecht, het Fort van Kruibeke en de werkplaatsen te Nieuwkerke-Waas. Hun taak bestaat in het aanmaken van diverse types munitie. Vanaf de afkondiging van fase A van het mobilisatieplan op 25 augustus wordt de productie van munitie in de AFM gevoelig opgedreven. Van april 1939 wordt het aantal arbeiders van 1.800 op 3.000 gebracht. De prioriteit voor de productie ligt bij de munitie voor de C40mm van de DTCA waarvoor tijdens de mobilisatie ruim 80.000 schoten worden gefabriceerd.
  • Het Arsenaal voor het Wagenpark of Arsenal du Charroi (AC) fabriceert en herstelt paardengerij en motorvoertuigen te Berchem en fietsen en motorfietsen te Gentbrugge. Het Arsenaal voor het Wagenpark wordt geleid van uit de stafgebouwen en werkplaatsen aan de Lange Leemstraat 338 te Berchem, vlakbij het Militair Hospitaal. Het effectief van het arsenaal bestaat aan de vooravond van de oorlog uit 17 officieren en ongeveer 1.800 militaire en civiele arbeiders. Sinds de afkondiging van fase A van het mobilisatieplan wordt gewerkt in twee ploegen, de ochtend ploeg werkt van 06u00 tot 14u00 en de avondploeg van 14u00 tot 22u00. De arbeiders reizen dagelijks van hun woonplaatsen te Brussel, Dendermonde en Lier naar het arsenaal. Het arsenaal werkt nauw samen met het Reservevoertuigenpark (PCR) dat alle voertuigen die niet hersteld kunnen worden in het herstellingsatelier van het park doorstuurt naar het arsenaal. Ook de herstelde voertuigen in het AC gaan terug naar het Reservevoertuigenpark voor verdere herverdeling naar het veldleger.

De officieren behorende tot de Inrichtingen voor Militaire Fabricaten die het militair brevet behaalden van ingenieur mochten deze titel achter hun graad gebruiken. Vandaar de vermelding Ingénieur de Fabrication Militaire (IFM) of Ingenieur der Militaire Fabricaten (IMF).
10mei.jpg
AFM_Zwijndrecht_4.JPG
Het Fort van Zwijndrecht, één van de drie werkplaatsen van het AFM
IGFM/EFM
Er bestond geen enkel plan om tijdens de mobilisatie al enkele werkplaatsen van de EFM te verplaatsen naar het westen van het land. Alleen de FRC had een kleine afdeling in Brugge. Alle fabrieken dienden te blijven werken tot aan het begin van de vijandelijkheden. Bij de afkondiging van het algemeen alarm en de nakende aanval van Duitsland krijgen enkel de Staatswapenfabriek en de Kanongieterij de toelating om in te pakken en te verhuizen aangezien zij het meest naar het oosten liggen. De andere inrichtingen moeten ook na het begin van de vijandelijkheden gewoon blijven doorwerken. Na de afkondiging van de algemene mobilisatie vertrekt Luitenant-generaal Jamotte diezelfde ochtend nog naar het Franse Ministerie van Bewapening in Parijs om met de Fransen te overleggen waar de Belgische Inrichtingen voor Militaire Fabricatie het best naartoe gestuurd kunnen worden. Hij zal pas op 15 mei naar België terugkeren.

Et SPG/EFM
Net zoals het bij andere fabrieken en werkplaatsen van de EFM het geval is, wordt ook bij de Inrichtingen van de Anti-Gasbeschermingsdienst (Et SPG) een deel van het personeel dat tot heden was vrijgesteld van mobilisatie, op 10 mei voor de eerste keer onder de wapens geroepen. De installaties te Steendorp en Vilvoorde zetten op de eerste oorlogsdag hun gewone werkzaamheden in verhoogd tempo voort.

FRC/EFM
Het mobilisatieplan voorziet in de onmiddellijke evacuatie van de Koninklijke Kanongieterij (FRC) bij een vijandelijke inval uit het oosten. De kanongieterij zal worden overgebracht naar de fabrieken van La Brugeoise te Brugge waar een detachement van de Koninklijke Kanongieterij de bewapening monteert op de "Vickers Carden Lloyd" (T13-B3) onderstellen geleverd door de Ateliers de construction de Familleureux. In Luik wordt dan ook vanaf 06u00 gestart met de uitbouw van de machines en het klaarmaken voor het transport per trein van de stocks, werktuigen en personeel.

MAE/EFM
Kolonel IFM Bertrand, directeur van de Staatswapenfabriek (MAE) van Luik, ontvangt kort na middernacht het alarm. Wanneer hij om 02u30 de Dienst Bewapening van het Ministerie van Landsverdediging contacteert, krijgt hij de opdracht om de machines te ontmantelen en ze naar Gent over te brengen zoals dit voorzien is in het mobilisatieplan. De arbeiders van de ochtendploeg worden vanaf 06u00 aan het werk gezet om de machines te demonteren. In eerste instantie zullen in het station Luik Vivegnis 20 gesloten en 5 platte goederenwagons samengebracht worden voor het transport naar Gent. Vanaf 08u00 begint het personeel met het laden van de trein en dit zal duren tot 21u30 wanneer de duisternis invalt en verder laden geen zin meer heeft. Ondertussen wordt Luitenant Wastelin uitgestuurd om met behulp van de Rijkswacht 40 burgervrachtwagens op te eisen. De officier zal pas om 21u30 terugkeren met slechts 4 voertuigen.

AFM/EFM
Door de afkondiging van de algemene mobilisatie moet een aantal arbeiders die deel uitmaken van de oproepbare reserve de Werkplaatsen voor Fabricatie van Munitie (AFM) verlaten. Hierdoor wordt het effectief teruggebracht tot 2.600. In eerste instantie zal de productie van munitie ter plekke gewoon doorgaan. De Dienst Bewapening van het Ministerie van Landsverdediging laat weten dat de nadruk nog steeds dient gelegd te worden bij de productie van munitie voor de C40mm kanonnen van de luchtdoelartillerie (DTCA) en bij de revisie van de voorraad slechte munitieloten teruggebracht door de depots. Kolonel IFM Brosius, zich bewust van het gevaar van vijandelijke luchtaanvallen, wil zo snel mogelijk van zijn voorraad explosieven af. Daarom laat hij de montage van diverse types obussen opdrijven door zijn personeel in twee ploegen op te delen wat hem toelaat de klok rond te werken. Hierbij wordt in hoofdzaak gewerkt aan het samenstellen van de 75mm munitie voor de M36 luchtdoelkanonnen en de obussen voor de 220mm zware mortieren. Hij wil ook het overtallig kruit en explosieven zo snel mogelijk uit de werkplaatsen evacueren.

AC/EFM
Om 05u00 ondergaat Antwerpen een eerste luchtbombardement waarbij de vestiging van het Arsenaal voor het Wagenpark (AC) in Berchem getroffen wordt door verschillende brandbommen. De werkplaatsoverste samen met de wacht weet erger te voorkomen door de verschillende brandhaarden te blussen. Kolonel IMF Brasseur wordt omstreeks 05u15 op de hoogte gebracht van de Duitse luchtaanval en komt een uur later aan in de Lange Leemstraat. Om 06u00 komt de ochtendploeg toe in het arsenaal en krijgt te horen dat de werkzaamheden gewoon verder gaan. Er komen in de loop van de dag echter geen nieuwe bestellingen binnen van het commando van het veldleger waardoor afgewerkt wordt wat op stapel stond. Onder meer de AGC-1 tank nummer 833 van het Eskadron Pantserwagens Cavaleriekorps die in herstelling is in het arsenaal. De tank wordt door de bemanning tijdens de ochtend teruggereden naar Brussel en vervoegt er zijn eskadron. In de loop van de dag worden de telefoonverbindingen met het Ministerie van Landsverdediging verbroken waarop Kol IFM Brasseur besluit om zich persoonlijk in verbinding te stellen met de Dienst Wagenpark en Brandstoffen van het MLV . Voor zijn vertrek treft hij nog de nodige maatregelen om een snelle verhuis naar de linker Scheldeoever mogelijk te maken. In Brussel verneemt de directeur van het arsenaal dat de, in het mobilisatieplan voorziene, verhuis naar een verkend kantonnement op de linker Scheldeoever niet doorgaat. Die dag worden geen verdere bevelen meer ontvangen, deels omdat de telefoonverbindingen het gedurende de rest van de dag laten afweten. De eerste dag van de oorlog ligt de efficiëntie van het arsenaal niet hoog omdat het werk constant onderbroken wordt door veelvuldige luchtalarmen.
11mei.jpg
C120L_Citroen_Kregesse.jpg
Een kanon 120mm met tractor Citroën-Kégresse op de binnenkoer van de FRC
Et SPG/EFM

In het fort van Steendorp wordt Majoor IFM Liégeois aangesteld als directeur van de werkplaatsen. In de Werkplaats voor de samenstelling van gasmaskers (Atelier de Montage des Appareils Filtrant - AMAF) wordt druk gewerkt om de geassembleerde gasmaskerfilters naar de eenheden door te sturen. In het tweede atelier, waar munitie wordt samengesteld (Atelier de chargement des Obus Spéciaux - ACOS), wordt gewerkt aan het vervaardigen van fumigène 20, een rookontwikkelend product dat door onze artillerie gebruikt wordt in rookobussen. Voorts is men in Steendorp volop bezig met de voorbereiding van de evacuatie van de werkplaatsen. .

FRC/EFM
De ontruiming van de fabriek wordt omstreeks 15u30 stopgezet wanneer alle beschikbare goederenwagons geladen zijn. Wat niet meer geladen kan worden moet noodgedwongen achtergelaten worden. De laatste vrachtwagens verlaten de installaties van de FRC rond 16u00. De overgebleven werktuigen en infrastructuur worden overgedragen aan de Dienst der Militaire Gebouwen te Luik. Niet alle militairen en burgerarbeiders zullen onmiddellijk Brugge kunnen bereiken. Door de luchtaanvallen op het spoor rond Bierset, Awans en het station Luik-Guillemins komt ten minste één trein vast te zitten. Een belangrijk deel van het personeel wordt dan ook te voet verder gestuurd en zal op eigen kracht Brugge vervoegen.

MAE/EFM
Het eerste treinstel bestaande uit 25 wagons met materieel van de MAE dat op 10 mei werd geladen, verlaat Luik-Vivegnis om 01u00. De manschappen starten vanaf de eerste klaarte met het laden van het tweede treinstel. Ondertussen begeeft Kol IFM Bertrand zich naar het HK van het IIIde Legerkorps (III/CA) waar hij verneemt dat Luik door het leger zal verlaten worden. Hij krijgt het advies om zijn personeel zo snel mogelijk te evacueren. Om 10u00 wordt gestopt met het laden van de tweede trein, een 17-tal wagons zijn volgestouwd. Een afzonderlijke trein wordt ingezet voor de evacuatie van het personeel. Deze trein vertrekt rond 11u30 maar net zoals de treinstellen van de FRC, heeft ook deze trein van de MAE zwaar te lijden onder de luchtaanvallen op de spoorinfrastructuur rond Luik. De trein met aan boord de militairen en arbeiders van de MAE wordt definitief gestopt ter hoogte van Bierset. Het personeel zal zich uiteindelijk op eigen kracht naar het westen begeven. De vrachtwagencolonne kan wel uit Luik wegrijden en bereikt Gent aan het eind van de dag. Onderweg wordt het konvooi wel enkele keren door de Luftwaffe beschoten. Hierbij vallen twee gewonden en worden enkele voertuigen zwaar beschadigd.

AFM/EFM
De Werkplaatsen starten met het klaarmaken van overtollig TNT voor het transport per spoor naar veiliger oorden. De werkzaamheden in de Werkplaatsen worden sterk bemoeilijk door de regelmatig weerklinkende sirenes van het Antwerpse luchtalarm. Bij elk alarm worden de installaties ontruimd hoewel een eventuele voltreffer niet alleen het Fort van Zwijndrecht zou vernielen maar ook alle dorpen in de omgeving. De afgewerkte munitie voor de DTCA (40mm en 75mm bommen) wordt dan ook zo snel als mogelijk per vrachtwagen afgevoerd naar de DTCA eenheden. Kolonel Brosius laat starten met het inpakken van de administratie en het demonteren van de niet gebruikte machines.

AC/EFM
De telefoonverbindingen met de Dienst Wagenpark en Brandstoffen op het MLV zijn nog steeds niet hersteld en het arsenaal werkt in volledige isolatie verder aan de lopende opdrachten.
12mei.jpg
Et SPG/EFM
Er stelt zich een transportprobleem van zekere omvang bij de evacuatie van het fort omdat Steendorp ver verwijderd ligt van het gewoon spoorwegennet. Enkel een smalspoor van de buurtspoorwegen is beschikbaar voor de ontruiming van het fort. Te Steendorp wordt het eerste materieel dan ook op vrachtwagens geladen met het oog op een mogelijke snelle evacuatie van de Inrichtingen naar Vlaanderen. Drie ton goederen wordt op een Minerva vrachtwagen geplaatst.

FRC/EFM
De FRC tracht te Brugge de productie te hervatten. De ploeg in Brugge wordt verdubbeld en er wordt in eerste prioriteit gewerkt aan het voltooien van de installatie van C40mm kanonnen op het T13-B3 onderstel. Bij een bombardement op één van de achtergebleven treinen van van de FRC komen nabij Hannuit de Soldaat Garot en de arbeiders Geeraerts en Kerremans om het leven.

MAE/EFM
De MAE zal worden geïnstalleerd in de fabrieken van de "Societé d'Electricité et de Mécanique Van De Kerckhove & Carels NV" in Gent eens de treinen met materieel en machines toekomen. In deze werkplaats werden voor de oorlog de laatste modificaties aan de torens van de AGC-1 aangebracht. De uit Luik gevluchte militairen en arbeiders komen in kleine groepjes aan in Gent en worden er ondergebracht in de Landbouwschool waar ze kunnen recupereren. De manschappen worden bevoorraad vanuit de Leopoldkazerne.

AFM/EFM
Kolonel Brosius dringt aan bij het ministerie om zijn Werkplaatsen te mogen verhuizen naar een veiliger standplaats. Er wordt geen gehoor gegeven aan zijn oproep en de productie wordt voortgezet.

AC/EFM
Kolonel IFM Brasseur heeft nog steeds geen idee over wat er met zijn arsenaal dient te gebeuren. Hij vertrekt opnieuw naar Brussel waar hij om 22u00 toekomt en een onderhoudt vraagt met Luitenant-kolonel IMF Tellier hoofd van de Dienst Wagenpark en Brandstoffen van het MLV. Tijdens het onderhoud stelt hij zelf voor om de installaties naar Poperinge te laten overbrengen. Dit voorstel wordt gunstig beoordeeld en Brasseur keert dezelfde avond nog terug naar Antwerpen. Intussen komen ook enkele pantserwagens van het Franse 7de Leger aan in het arsenaal voor kleine herstellingen.
13mei.jpg
Et SPG/EFM
Te Steendorp werken de manschappen aan de voorbereiding van de evacuatie van het anti-gasmaterieel. Ook de vernieling van enkele machines die te groot zijn voor het transport wordt bestudeerd.

MAE/EFM
Kolonel IFM Bertrand wordt door het Ministerie van Landsverdediging op de hoogte gebracht dat er een principieel akkoord is om de MAE naar Frankrijk over te brengen, de uitvoeringsbevelen zullen later volgen.

AFM/EFM
Tussen 11 mei en 13 mei is de AFM erin geslaagd om 200 ton overtollige springstoffen (vooral TNT) per spoor af te voeren, de springstoffen worden verspreid over meerdere depots van het Groot Legerpark (GLP). Kolonel Brosius vraagt nu om te kunnen beschikken over 100 goederenwagons voor het inladen van zijn materieel en voorraden die niet meer nodig zijn voor de productie. Eens geladen wil hij deze wagons doorsturen naar het depot van Houthulst van het GLP. Het ministerie maakt voorlopig geen transportmiddelen vrij voor de AFM en houdt voet bij stuk dat de productie van munitie niet mag stopgezet worden. Een munitieploeg van de VIde Groep van het 4de Legerartillerieregiment (VI/4LA), die stond opgesteld in Brasschaat, komt munitie ophalen voor zijn 6-duims Vickers houwitsers.

AC/EFM
Om 06u00 begint in Antwerpen de ochtendploeg met de werkzaamheden om de voorraden en machines op transport te plaatsen. Alle vrachtwagens van het arsenaal alsook enkele pas herstelde voertuigen worden geladen om materieel naar het station van Zurenborg te transporteren. In het station worden enkele gesloten en platte wagons opgevorderd om het materieel en de voorraden van het arsenaal te transporteren. Een pendeldienst tussen het arsenaal en het station komt op gang. Een eerste trein is nog in de voormiddag vertrekkensklaar en een tweede wordt volgestouwd tot Kol IFM Brasseur, onder druk van enkele alarmerende berichten over de toestand in de Versterkte Positie Antwerpen, om 12u00 beslist de evacuatie operatie te stoppen en ook de tweede trein klaar te maken voor transport. De installaties in Berchem worden overgegeven aan een militaire wacht. De magazijnen zijn leeg en alleen enkele veel voorkomende machines worden achtergelaten bij gebrek aan platte wagons om ze te vervoeren. 1ste Kapitein Konikoff en het installatiepersoneel vertrekken met een eerste colonne motorvoertuigen, geladen met de archieven van de eenheid, richting Poperinge. Konikoff laat zijn colonne omrijden via de Groepering Fietsen en Motorfietsen te Gentbrugge en beveelt dit detachement om eveneens naar Poperinge uit te wijken. Brasseur geeft zijn personeel opdracht om zich tegen 16u00 naar Antwerpen-Zuid te begeven waar ze kunnen instijgen in klaarstaande rijtuigen.
14mei.jpg
IGFM/EFM
Op de ministerraad van 14 mei wordt beslist om de evacuatie van de regering uit de hoofdstaat op te starten. De regering zal dit plan nog niet publiek maken en heeft de intentie om te Brussel te blijven zolang de stad niet bedreigd wordt door de Duitse opmars. Het gros van de diensten van het MLV zal zich in Oostende en Middelkerke installeren. De Algemene Inspectie van de Militaire Fabricaten zal zich te Middelkerke vestigen. De installatieploegen vertrekken nog op 14 mei, de verhuis van de diensten is voltooid tegen de 16 mei 's morgens.

EFM_buurspoorwegen en spoorwegen in West-Vlaanderen.JPG
Buurtspoorwegen rond het depot van Houthulst (situatie 1940)
Et SPG/EFM
Het labo van Vilvoorde onder bevel van Lt Bontinck, wordt naar Gent overgeplaatst. Zij zullen de verplaatsing langs de baan uitvoeren. De Technische Dienst van de Anti-Gasbeschermingsdienst (Service Technique du Service de Protection contre le Gaz - ST SPG), die zich eveneens in Vilvoorde bevond, vertrekt samen met het labo van de Et SPG naar Gent.

Te Steendorp wordt nog steeds volop gewerkt maar er ontstaat een probleem omdat de geproduceerde springstoffen zich opstapelen in het fort. Kapitein-commandant Daladier, commandant van de ACOS, beveelt om de stock aan fumigène 20 overbrengen van het fort naar het munitiedepot van Houthulst. Het transport zal via de buurtspoorwegen gebeuren. De rookpotten worden per bestelwagen overgebracht naar het nabije station van de buurtspoorwegen waar een goederentrein klaar staat. Er is maar één bestelwagen beschikbaar die over een weer moet pendelen. Het laden gaat dan ook bijzonder traag. Het laden van de goederentrein van de buurtspoorwegen start om 15u00. De commandant laat bij het gemeentebestuur twintig werklozen opvorderen om de laadwerkzaamheden te versnellen. Tegen de avond vertrekt een eerste trein van de buurtspoorwegen geladen met de rookontwikkelende munitie richting Roeselare.

In het fort staan ook een reeks gasbeschermingaanhangwagens Type Z die afgevoerd dienen te worden. Bij de firma Troubleyn wordt een trekker opgevorderd. De Boelwerf te Temse levert een aantal grote hijsblokken om de aanhangwagens te laden. Een kleine colonne van vier vrachtwagens met munitie, onder bevel van Luitenant Colin, worden eveneens langs de baan naar Roeselare gestuurd.

Het depot van Houthulst is niet verbonden met het netwerk van de buurtspoorwegen, er is echter wel een normale spoorlijn die het rangeerterrein van het depot verbindt met het spoornetwerk. Om tot in het depot te geraken moeten de wagons van de buurtspoorwegen manueel ontladen worden waarna het materieel via het gewone spoor naar het depot kan worden gebracht. Het overladen kan enkel gebeuren in die depots van de buurtspoorwegen waar er ook een station van de gewone spoorwegen aanwezig is. In de buurt van Houthulst kan dit enkel gebeuren in Diksmuide, Roeselare of Staden.

MAE/EFM
De directeur wordt op de hoogte gebracht door de FRC dat de tweede trein met de 17 wagons materieel in Brugge is aangekomen. Van de eerste trein is er voorlopig nog geen spoor. 's Avonds vraagt het ministerie aan Kolonel Betrand om alle machines per trein naar Adinkerke over te brengen.

AFM/EFM
De eerste 40 wagons komen toe in het station van de Werkplaats in Zwijndrecht en het personeel begint met het laden van het overtollig materieel. De Werkplaatsen krijgen om 23u00 eindelijk het bevel de productie stil te leggen en over te gaan tot de evacuatie. Alle productie wordt onmiddellijk gestaakt om de machines te kunnen demonteren en op transport te plaatsen. Kolonel Brosius moet zijn diensten initieel per spoor naar Adinkerke overbrengen van waaruit de treinen naar een nog niet gekende bestemming in Frankrijk doorgestuurd zullen worden.

AC/EFM
Te Antwerpen vertrekken twee treinen met materieel en één trein met personeel. Met de voertuigen die het materieel van het arsenaal naar het station van Zurenborg brachten wordt een tweede colonne motorvoertuigen gevormd. Tegen de namiddag heeft het personeel en het materieel Antwerpen verlaten en blijft het arsenaal zo goed als leeg achter. Het atelier in Gentbrugge heeft intussen ook een trein volgeladen en een gedeelte van het personeel vertrek met een aantal herstelde motorfietsen en side-cars richting Poperinge.
15mei.jpg
EFM_station buurtspoorweg en spoorweg in Diksmuide.JPG
Station en buurtspoorwegstation (neogotisch gebouw) te Diksmuide (1935)
IGFM/EFM

LtGen Jamotte keert terug uit Parijs en begeeft zich naar Middelkerke waar zijn diensten zich bevinden. Hij laat schriftelijke orders opstellen met de locaties waar de fabrieken, werkplaatsen en arsenalen kunnen worden ondergebracht. Het zijn inrichtingen beheerd door de Franse staat met een gelijkaardige functie als de Belgische inrichtingen. De orders zullen de verschillende inrichtingen voor militaire fabricaten bereiken tussen 17u00 en 18u00.

Et SPG/EFM
De evacuatie van de Et SPG wordt voortgezet. Het labo verlaat de stad Gent en begeeft zich naar Diksmuide, één van de drie bestemmingen voor de treinen van de buurtspoorwegen geladen met het materieel van de Et SPG. Het labo en de Technische Dienst zullen in Diksmuide blijven tot 16 mei. Even na 10u00 is tenslotte ook een tweede goederentrein van de buurtspoorwegen volgeladen en klaar om te vertrekken. Twintig kisten met 1.600 rookpotten, 400 kilogram fumigène 20 en 800 75mm rookgranaten vertrekken, samen met een hoeveelheid materieel en werktuigen naar Houthulst. Tenslotte worden op deze manier ook nog twee ton chloorkalk naar dezelfde bestemming overgebracht. De trein met als treincommandant de Luitenant Mockel vertrekt om 15u15 uit Steendorp. De tocht loopt volledig over het tramnetwerk en bereikt via Hamme, Gent en Tielt het station van Roeselare. Lt Mockel verneemt onderweg dat hij moet doorreizen naar Staden waar de goederen zullen worden overgeladen op vrachtwagens omdat het depot van Houthulst is niet verbonden is met het buurtspoorwegennet.

Te Steendorp worden de zeven gasbeschermingaanhangwagens opgehaald door evenveel Citroën-Kégresse trekkers die uit Gent overgekomen zijn. Onder leiding van Adjudant Verstraete vertrekt deze colonne naar het depot van Houthulst. Een derde trein met 27 wagons van de buurtspoorwegen, geladen met het materieel van de AMAG en met twee wagons voor het personeel, staat onder bevel van Kapitein Aspelslagh. Deze trein begeeft zich naar het depot van de buurtspoorwegen in de Lange Veldstraat te Diksmuide. Aan boord van deze trein zitten ook de arbeiders en hun familieleden die de toelating kregen mee te reizen naar Frankrijk.

Het Et SPG krijgt 's avonds laat van de Dienst Bewapening van het MLV te horen dat de inrichtingen naar Frankrijk dienen te verhuizen en wel naar twee verschillende bestemmingen. De rookmunitie zal ter plekke blijven voor het veldleger terwijl de fumigène 20 en het materieel naar Lannemezan (Hautes-Pyrénées) verscheept zullen worden. De AMAF dient zich naar Saint-Priest (Rhône) te begeven. De herverdeling van het materieel in functie van de eindbestemming wordt moeilijk aangezien de verschillende treinstellen met materieel hun tocht naar West-Vlaanderen al ingezet hebben. De verschillende ladingen van het ACOS en het AMAF zullen in Houthulst gescheiden moeten worden en op de respectievelijke treinen naar Lannemezan en Saint-Priest geladen worden.

FRC_Mably_Roanne_Kaart.JPG
Het personeel van de FRC zal worden tewerkgesteld in het 'Arsenal de Roanne' van Mably
FRC/EFM
De kanongieterij krijgt het bevel om naar Mably nabij Roanne uit te wijken. Hier bevindt zich in een uitgestrekt gebied het "Arsenal de Roanne", een groot arsenaal van het Franse leger ten noordwesten van Lyon. Er wordt opnieuw gestart met de demontage van de machines.

MAE/EFM
In Gent wordt alle daar aanwezig materieel op een trein geladen met 49 wagons. Wanneer tegen 17u00 het bevel komt om naar Frankrijk te vertrekken moeten nog 17 wagons geladen worden. Een tweede stel rijtuigen wordt aangevraagd voor het vervoer van het personeel. Als uiteindelijke eindbestemming voor de MAE wordt Brive-la-Gaillarde (Corrèze) doorgegeven. Nadat de trein geladen is begeeft Kol Bertrand zich naar de Dienst Bewapening van het MLV die zich te Middelkerke bevindt, om instructies betreffende het vertrek naar Frankrijk te ontvangen. Na ontvangst van zijn orders vertrekt Kol Bertrand langs de baan naar Brive.

AFM/EFM
Een eerste trein met de 30 goederenwagons die op 14 mei al geladen werden, vertrekt om 10u00 richting Adinkerke. Een tweede treinstel van 60 goederenwagons komt aan in Zwijndrecht, het personeel van de AFM doet verder met het laden van hun materieel en voorraden op de goederenwagons. Nu de eerste 100 wagons beschikbaar zijn ziet Kolonel Brosius dat hij ten minste 400 wagons nodig heeft als ook een hefkraan van 10 ton om al het materieel van de AFM te vervoeren. Hij heeft ook nood aan een groot aantal passagiersrijtuigen voor zijn 2.600 arbeiders. Brosius vertrekt die dag naar de Dienst Bewaking van het MLV te Middelkerke voor verdere instructies. Bij zijn terugkeer te Zwijndrecht ontvangt hij rond 18u00 een telegram met de bestemmingen in Frankrijk. De Dienst bewapening kan echter niet specificeren welke activiteit op welke locatie dient te gebeuren waardoor Kol Brosius zijn personeel arbitrair moet verdelen over de verschillende treinstellen. Hij beslist dat de Werkplaatsen voor het vullen van obussen naar Saint-Florentin (Yonne) zullen verhuizen. De rest van de AFM krijgt Tarbes (Hautes-Pyrénées) als bestemming. Het wordt nog een moeilijke opdracht om de verhuis te coördineren aangezien de eerste treinen de Werkplaatsen reeds verlaten hebben nog voor de bestemming in Frankrijk gekend was. Zij zullen in Adinkerke hun eindbestemming te horen krijgen.

Ook de fabriek in Nieuwkerke-Waas wordt ontruimd. Luitenant IFM Coquette, belast met de opdracht de fabriek te ontruimen, kan met het personeel slechts 20 wagons laden. Hij realiseert zich dat de Duitsers gebruik kunnen maken van de niet ontmantelde installaties en beslist om wat overblijft van de fabriek te saboteren. De gebouwen met de munitiemachines laten ontploffen is geen optie omdat dit teveel schade zou toebrengen aan de omgeving. Hij komt op het idee om de afvalzuren van het productieproces naar het reservoir van de watertoren van het bedrijf te pompen. De volgende morgen wordt het reservoir met het zuur water geledigd en in circuit gebracht naar de verschillende machines. In de wetenschap dat de Duitsers de fabriek niet onmiddellijk zullen overnemen zal het stilstaand zuurwater de nodige schade aan de machines en ondergrondse leidingen toebrengen.

AC/EFM
In de loop van de dag komen de drie treinen met materieel en de trein met het personeel toe in Poperinge. Het materieel wordt niet uitgeladen en blijft aan boord van de drie materieeltreinen. Het personeel van het arsenaal wordt bij burgers gehuisvest te Poperinge en moet voorlopig ter plekke blijven. Aan het eind van de dag komt een motorrijder aan van de staf van Luitenant-generaal Jamotte: alle formaties van de Inrichtingen voor Militaire Fabricaten zullen naar Frankrijk vertrekken. Het AC moet naar Saint-Etienne uitwijken. Kol IFM Brasseur wordt verzocht om zich onmiddellijk naar Middelkerke te begeven om er van de Dienst Wagenpark en Brandstoffen van het MLV de instructies betreffende het vertrek naar Frankrijk te ontvangen.
16mei.jpg
IGFM/EFM
Het MLV neemt de beslissing dat naast de arbeiders ook hun familieleden naar Frankrijk geëvacueerd kunnen worden. Deze beslissing zal leiden tot vertragingen bij het vetrek van de personeelstreinen van sommige inrichtingen

Et SPG/EFM
De buurtspoorwegentrein, onder bevel van Lt Mockel, bereikt het station van Houthulst omstreeks 05u00. De staf van het munitiedepot stuurt de trein verder naar Staden om hier gelost te worden. De goederen zullen per vrachtwagen van Staden naar het depot vervoerd worden. Er wordt de ganse dag gewerkt om de voorraden over te brengen. Het konvooi van Adjudant Verstraete met de zeven gasbeschermingsaanhangwagens die over de baan naar Houthulst reisden, zijn eveneens aangekomen in het depot. Lt Mockel wordt pas om 15u00 verwittigd dat zijn eindbestemming Lannemezan in Frankrijk is. Hij begint in het depot van Houthulst onmiddellijk met het laden van de trein die hem wordt toegewezen. Er wordt de ganse nacht van 16 op 17 mei doorgewerkt om 11 wagons te laden met het materieel van de ACOS. Er wordt ook één rijtuig voor personeel bij de trein gevoegd.

Kapitein Aspelslagh van het AMAF is inmiddels in Diksmuide toegekomen waar hij onmiddellijk begint met het overladen van het materieel op een gewone trein. De Luitenanten Troquet en Verheyden, samen met hun ploeg soldaten en militaire arbeiders, werken de klok rond om het materieel over te laden. Luitenant Colin, die zich met zijn colonne vrachtwagens, nog steeds in Roeselare bevindt wordt door Kapitein Aspelslagh doorgestuurd naar Adinkerke. Hij neemt contact op met de Dienst Gasbescherming van het MLV te Middelkerke en krijgt opdracht om naar het station van Adinkerke door te rijden waar de vrachtwagen op een trein zullen worden gezet.

Het laboratorium van de Et SPG die zich in Diksmuide bevinden krijgen opdracht om zich langs de baan naar Lannemezan te begeven. Ze vertrekken nog dezelfde dag en slagen erin via langs Abbeville, Chartres, Poitiers en Bordeaux het stadje Lannemezan te bereiken op 21 mei.

MAE/EFM
Om 15u30 vertrekt een konvooi met 25 vrachtwagens onder bevel van Kapitein Parmentier naar Brive. Na het vertrek van de vrachtwagens vertrekt ook de trein met het personeel en met de 49 wagons met materieel. 1ste Kapitein Soumoy wordt aangeduid als treincommandant. Op dat ogenblik ontbreekt nog 200 man die Luik per trein verlaten hebben maar nog steeds niet in Gent toegekomen zijn. De trein heeft 24 uur nodig om Gent te verlaten.

AFM/EFM
Tijdens de nacht van 15 op 16 mei komen nog eens een honderdtal goederenwagons aan waardoor de AFM in het totaal nu over 200 goederenwagons beschikt. Aan het eind van de dag zijn er ook twee spoorkranen van 6 ton beschikbaar, maar die komen te laat toe voor het inladen van het materieel. Alle treinstellen geladen met materieel vertrekken nog die dag. Er bevinden zich nog steeds heel wat arbeiders in de installaties, maar de toestand wordt steeds onrustiger. De Rijkswacht van Zwijndrecht is er van door gegaan en de elektriciteitscentrale van Schelle heeft de productie stilgelegd zodat de Werkplaatsen zonder stroom zitten. Brosius tracht via het station Beveren-Waas aan een passagierstrein te komen. Het antwoord is echter negatief en de kolonel laat dan maar zoveel mogelijk arbeiders in de laatste goederenwagons klimmen. Kolonel Brosius krijgt van het GHK te horen dat hij voor het einde van de dag Zwijnaarde verlaten moet hebben. Vreemd genoeg bekomt de Directeur van de AFM de toelating van het ministerie om ook familieleden van het personeel van de AFM naar Frankrijk te evacueren. Hierdoor wordt het vertrek met nog een nacht vertraagd.

AC/EFM
In Middelkerke ontvangt de Directeur van het arsenaal meer bijzonderheden over de praktische organisatie van het transport naar Frankrijk. Eens terug in Poperinge worden de orders gegeven om naar Frankrijk te vertrekken. Op het ogenblik dat iedereen vertrekkensklaar is komt ook hier het bevel dat de familieleden van diegenen die het wensten mee naar Frankrijk konden vertrekken. Er worden vrachtwagens uitgestuurd naar Gent, Antwerpen en Brussel om de families op te halen. Bovenop de 1.800 personeelsleden van het AC moet ook nog transport gevonden worden voor een honderdtal familieleden. Eén materieeltrein kan Poperinge al verlaten om 16u00, een colonne voertuigen met aan boord het installatiepersoneel kan de stad nog verlaten tijdens de nacht van 16 op 17 mei.
17mei.jpg
Et SPG/EFM
Ook het detachement van Adjt Verstraete te Houthulst ontvangt nieuwe orders. De zeven gasbeschermingsaanhangwagens moeten de trein op. Omdat er geen geschikte platte goederenwagons beschikbaar zijn, wordt onmiddellijk gestart met het ombouwen van een aantal houtwagons die door het Park van de Genie gebruikt werden. Intussen wordt in het station Westrozebeke een stoomlocomotief opgevorderd. Aan het eind van de dag worden de omgebouwde houtwagons bij de trein van Lt Mockel gevoegd waardoor een treinstel met veertien wagons gevormd wordt in het station van Staden. Lt Mockel wordt aangeduid als treincommandant en vertrekt uit Staden om 21u00, om middernacht rijdt het konvooi reeds voorbij Kortemark.

FRC/EFM
De eerste materieeltrein verlaat Brugge met bestemming Roanne.

MAE/EFM
De trein van de MAE slaagt er eindelijk in om Gent te verlaten.

AFM/EFM
Terwijl een deel van het burgerpersoneel moet achterblijven in Zwijnaarde staat de laatste goederentrein, met weliswaar ook enkele goederenwagons met personeel aan boord, vertrekkensklaar in het station van de Werkplaats. Het is de bedoeling de installaties te verlaten om 06u00. Uiteindelijk komt alsnog een trein met een twintigtal passagiersrijtuigen aan te Zwijnaarde waardoor er wordt overgegaan tot het wisselen van wagons. De trein met de passagiersrijtuigen vertrekt om 08u00 uit Zwijndrecht, de trein met het materieel vertrekt om 11u00. Intussen zijn ook de plaatselijke Wachters der Verkeerswegen en Inrichtingen gevlucht. Het personeel dat niet kon instijgen in de trein wordt verzocht met eigen middelen Adinkerke te vervoegen. Het is merkwaardig hoe de AFM erin geslaagd is om op twee dagen tijd alle materieel, voorraden en het meeste personeel op transport te krijgen. Eens de laatste trein vertrokken begeeft Kolonel Brosius zich naar Adinkerke waar zijn treinen verzamelen voor het vertrek naar Frankrijk. Hij vertrekt om 17u00 samen met een konvooi van een twintigtal voertuigen, met aan boord de officieren en onderofficieren van de AFM, en komt 's avonds laat nog in Adinkerke toe. Hier krijgt hij te horen dat de eerste twee treinen met materieel van de AFM werden doorgestuurd richting Roanne, de eindbestemming van de FRC. Hij vertrekt dezelfde nacht nog naar Middelkerke voor een onderhoud met Luitenant-generaal IFM Jamotte. Hier verneemt hij de definitieve organisatie van de AFM in Frankrijk. Het Studiebureau, het laboratorium en de technische afdeling die de obussen en de ladingen samenstelt moet naar Tarbes, de technische diensten moeten naar Saint-Florentin en de sectie explosieven moet naar Saint-Champs (Bouche-du-Rhône). Kolonel Brosius beseft dat eenmaal in Frankrijk aangekomen er een grondige reorganisatie dient te gebeuren. Omdat de Belgische Post niet langer functioneert, krijgt Kolonel Brosius 2,5 miljoen Frank toegewezen voor het betalen van de lonen van zijn arbeiders voor de eerste helft van de maand mei. De officier-rekenplichtige van de Werkplaatsen haalt het ganse bedrag in contanten op bij de zetel van de nationale bank te Oostende en deponeert de som op een rekening van de Société Générale te Duinkerke.

AC/EFM
Er wordt nog gezocht naar een 70-tal rijtuigen voor het vervoer van het personeel. Wanneer dit geregeld vertrekken de overige treinen rond 16u00 uit Poperinge, op dat ogenblik verlaat Kol IFM Brasseur het land en begeeft zich naar Saint-Etienne.
18mei.jpg
Et SPG/EFM
Bij de doortocht te Kortemark wordt de trein van Lt Mockel tegengehouden omdat er niet genoeg wagons op sleeptouw genomen zijn en de locomotief onderbenut is. Een treinstel met dertig wagons (vermoedelijke één van de treinen die op 17 mei uit Zwijndrecht vertrok - TBC) van de Werkplaatsen voor Fabricatie van Munitie, wordt aangehaakt en de nu veel langere trein zet zijn tocht verder. Om 06u00 wordt Adinkerke binnengereden waar de trein wordt tegengehouden door de stationschef. Hij gelast de arbeiders en hun familie uit te stijgen en hun bagage uit te laden. Nog voor iedereen is uitgestegen geeft de onderstationchef de toelating om door te reizen. De arbeiders en familieleden die werden afgezet worden naar Diksmuide gestuurd. Om 11u00 rijdt de trein de Franse grens over. Via Duinkerken wordt koers gezet naar Calais met als voorlopige bestemming Montluçon ten zuiden van de Loire.

MAE/EFM in Frankrijk
Kolonel Bertrand en de installatieploeg van de MAE komen als eerste toe in Brive.

FRC/EFM
De laatste trein verlaat Brugge. Door het late vertrek uit ons land zullen op één na alle treinen vast te komen zitten in Noord-Frankrijk na de Duitse verovering van Abbeville op de Atlantische kust. Slechts één treinstel kan Roanne bereiken.

AFM/EFM
De trein, met 14 wagons van het Et SPG en 30 wagons (met onder andere personeel) van het AFM bereikt Adinkerke rond 06u00. De stationschef van Adinkerke laat weten dat alle burgerarbeiders in ons land dienen te blijven en er alleen militairen mee mogen naar Frankrijk. Wanneer het duidelijk is dat het personeel terug moet instijgen vertrekt de trein en blijft een gedeelte van het personeel verweesd achter op het perron in Adinkerke. De trein rijdt Frankrijk in en wordt tegengehouden in Bray-Dunes omdat de Franse autoriteiten menen dat het om vluchtende burgers gaat. Een officier dient tussenbeide te komen om de doortocht te verzekeren en de trein wordt doorgestuurd naar Montluçon.

De goederentrein die op 17 mei om 11u00 Zwijnaarde verlaten heeft komt toe in Adinkerke en vertrekt eveneens richting Frankrijk, begeleid door drie officieren. De staf van de AFM zoekt nu nog naar een oplossing om het achtergebleven personeel, hun families alsook diegenen die in de loop van de dag nog met eigen middelen in Adinkerke zijn toegekomen op transport te krijgen naar Frankrijk. Het is pas 's avonds dat nog een treinstel gevonden wordt met rijtuigen voor passagiers, waar de vrouwen en kinderen in plaatsnemen, en met goederenwagons voor de mannen. De trein verlaat diezelfde dag nog Adinkerke richting Duinkerke. Amper drie uur na vertrek van deze trein komt nog een grote groep arbeiders per fiets toe in Adinkerke. Kapitein IFM Vranckx en Luitenant Danhier krijgen de opdracht om een oplossing te vinden de arbeiders alsnog in Frankrijk te krijgen. Indien een poging werd ondernomen om Frankrijk nog langs de weg te bereiken is niet bekend, maar in elk geval zijn ze niet ver gekomen want beide officieren hebben uiteindelijk de AFM kunnen vervoegen via Engeland.
19mei.jpg
IGFM/EFM
Met uitzondering van de ministers Pierlot, Spaak, Vanderpoorten en Denis vertrekt de ganse regering naar Frankrijk. Bij Landsverdediging wordt het volledige kabinet het land uitgestuurd met uitzondering van kabinetschef Kolonel SBH Gilbert, adjunct-kabinetschef Luitenant-kolonel De Schrijver en de minister zelf. De diensten zullen zich te Le Havre moeten hergroeperen en krijgen Sainte-Adresse als voorlopige bestemming. De IGFM reist door naar Parijs en zal zich installeren nabij het Franse Ministerie van Bewapening.

Et SPG/EFM in Frankrijk
De trein van Lt Mockel rijdt van Calais naar Abbeville. Intussen is ook het materieel dat in Diksmuide toekwam overgeladen op gewone goederenwagons. Kapitein Aspelslagh verlaat als eerste Diksmuide om 13u00. Aan boord van zijn trein bevinden zich ook de arbeiders met hun families en vreemd genoeg ook "du matériel spécial et dangereux" (wat dit ook mocht zijn - TBD). Een laatste trein met materieel van de Et SPG verlaat Diksmuide later op de dag met aan boord de Lt Verheyden en de Lt Trocquet. Vermoedelijk worden de vrachtwagens van Lt Colin in Adinkerke op de trein van Kapt Aspelslagh gezet (TBC). Deze trein blijft in het station van Leffrinkcoucke tijdens de nacht van 19 op 20 mei en ondergaat bij zonsopgang een luchtbombardement echter zonder veel schade.

AFM/EFM
Kolonel Brosius verlaat Adinkerke per auto omstreeks 15u30 samen met de andere officieren in een colonne van vrachtwagens en stafauto's. Door de chaos op het spoorwegennet komen een aantal treinstellen van de Werkplaatsen vast komen te zitten rond Calais en Duinkerken en zullen nooit hun bestemming bereiken. Onder de vastgereden treinen, de nieuwe passagierstrein die het in Adinkerke overgebleven personeel heeft meegenomen. Deze trein rijdt zich vast in Duinkerke waar er al een twintigtal andere Belgische treinen geparkeerd staan op meerdere rangeerterreinen. Uiteindelijk komen slechts een honderdtal goederenwagons aan in Tarbes.

AC/EFM in Frankrijk
Kolonel IFM Brasseur bereikt Saint-Etienne en vindt er zijn installatieploeg terug. Zij brengen hem op de hoogte dat de Fransen een gigantische overdekte wielerbaan ter beschikking stellen om het personeel van het arsenaal in onder te brengen. Kolonel Brasseur gaat niet akkoord met de gevonden oplossing en beseft dat de treinen die op 17 mei in Poperinge vertrokken zijn, in de komende dagen zullen toekomen. Ze slagen erin de trein met aan boord het personeel te laten stoppen in Roanne en laten er het personeel en hun families uitstijgen. De mensen worden ondergebracht bij de burgers van de stadjes Saint-Symphorien, Saint-Victor en Regny. In elk van de plaatsen wordt een officier aangeduid als kantonnementscommandant.
20mei.jpg
Et SPG/EFM in Frankrijk
De trein van Lt Mockel kan nog net op tijd de zuidelijke oever van de Somme bereiken. Enkele uren later zullen de Duitse troepen de stad Abbeville aan de Atlantische kust innemen. Die avond rijdt de trein Rouen binnen. De treinen van Kapitein Aspelslagh, Lt Collin, Lt Verheyden en Lt Trocquet hebben minder geluk, zij komen 's morgens vroeg vast te zitten in het station van Dunkerque-Dunes.

AFM/EFM in Frankrijk
De colonne voertuigen komt aan in Montreuil waar de colonne splitst. De voertuigen met bestemming St-Florentin rijdt verder onder bevel van Majoor IFM Hougardy, de colonne met bestemming Tarbes onder bevel van 1ste Kapitein IFM Philips. Beide colonnes zullen uiteindelijk op hun bestemming toekomen. De directeur van de AFM vertrekt samen met vijf stafofficieren direct naar Tarbes om de nodige schikkingen te treffen voor de inkwartiering van de detachementen.
21mei.jpg
62Li_overzicht_Duitse_opmars.jpg
Duitse opmars in Noord-Frankrijk van 16 tot 20 mei
IGFM/EFM

In de nacht van 20 op 21 mei bereiken de Duitsers Noyelle-sur-Mer aan de monding van de Somme. Hierdoor raken heel wat treinen met materieel en personeel van de Inrichtingen voor Militaire Fabricaten ingesloten door de Duitsers. Door vertragingen onderweg naar het zuiden van Frankrijk wordt uiteindelijk hun terugtochtweg afgesneden. De treinen die de troepen naar het zuiden brachten zitten vast in verschillende Noord-Franse stations zoals Boulogne, Calais en Duinkerke. De eenheden krijgen de opdracht om naar België terug te keren.

Et SPG/EFM in Frankrijk
De trein van Lt Mockel passeert Le Mans en komt aan te Tours. De treinen die vast kwamen te zitten in het station van Dunkerque-Dunes ondergaan de ganse nacht van20 op 21 mei zware luchtbombardementen waarbij een aantal petroleumtanks in het havengebied in brand geschoten worden. De bombardementen blijven de ganse dag aanhoduen.

MAE/EFM in Frankrijk
Kapitein IFM Parmentier en het konvooi met de 25 vrachtwagens komt toe in Brive.

AC/EFM in Frankrijk
Vanaf 21 mei komen de treinen met het materieel van het AC toe in Saint-Etienne. Het materieel wordt echter niet ontladen en de treinen worden geparkeerd op zijsporen. Er worden verkenners uitgestuurd om binnen een straal van 100 km uit te kijken naar een geschikte vestigingsplaats om een autonome Belgische werkplaats in te richten. De verkenners komen terug naar Saint-Etienne zonder resultaat. Hierop start Kol IFM Brasseur een lange reeks onderhandelingen met de directeur van de "Manufacture d' Armes de Saint-Etienne (MAS)" waaruit al gauw blijkt dat de Fransen niet geneigd zijn om de Belgen toe te laten een eigen werkplaats op te richten.
22mei.jpg
Et SPG/EFM in Frankrijk
Via Bordeaux wordt naar Lannemezan gereden. Ondertussen beslist Kapitein Aspelslagh om het station van Dunkerque-Dunes te verlaten. De intensiteit van de bombardementen blijft toenemen en steeds meer Belgen die vastzitten in treinen op de verschillende rangeerterreinen trekken weg. De arbeiders en hun families vertrekken te voet naar het dichtstbijzijnde dorp. De documenten en de meegebrachte bewapening wordt vernietigd terwijl een poging gedaan wordt om de camions van Lt Colin van de trein af te halen. Slechts twee voertuigen kunnen vrijgemaakt worden de andere twee worden vernietigd op de trein. Met de twee vrachtwagens kan al het meegereisde militair personeel uiteindelijk Koksijde vervoegen.

FRC/EFM in Frankrijk
De laatste elementen die aan de Duitse omsingeling in Noord-Frankrijk zijn kunnen ontsnappen, komen aan te Roanne.
23mei.jpg
Et SPG/EFM in Frankrijk
De trein wordt gesplitst en de dertig wagons van de Werkplaatsen voor Fabricatie van Munitie vertrekken naar Tarbes. De Inrichtingen zullen tot augustus in Frankrijk verblijven en worden vervolgens teruggebracht naar ons land.
24mei.jpg
MAE/EFM in Frankrijk
De trein met materieel en personeel van de MAE, die op 17 mei uit Gent vertrok onder bevel van 1ste Kapitein Soumoy, komt eveneens toe in Brive. De trein heeft nog slechts 17 wagons met materieel en in de rijtuigen met personeel bevinden zich slechts 251 manschappen. Onderweg werd de trein gebombardeerd en een aantal wagons moest worden achtergelaten. Veel van de oudere arbeiders, onder hen talrijke veteranen van de Eerste Wereldoorlog, proberen kost wat kost Brive te bereiken. Enkele onder hen liepen zelfs verwondingen op tijdens het luchtbombardement. Te voet, per fiets, met opgeëiste voertuigen en vrachtwagens, waarbij sommigen de tocht hebben gemaakt zittend op de spatborden of staand op de treeplank, komen ze doodvermoeid toe te Brive. Kenmerkend is het verhaal van Henri Vlekken. Deze 46 jarige oud-strijder en invalide van WOI meldt zich aan op 10 mei in de MAE. Hij volgt zijn kameraden naar het zuiden van Frankrijk waar hij het laatste stuk van de reis op eigen kracht aflegt. Total uitgeput komt hij in Brive toe waar hij onmiddellijk gehospitaliseerd moet worden. Ondanks de goede zorgen overlijdt hij op 4 juni aan ontbering. Hij wordt ter plaatse begraven.

Van de trein met 25 wagons die op 11 mei uit Luik vertrok en van de trein met 17 wagons die op 14 mei in Brugge toekwam is elk spoor vermist.
25mei.jpg
MAE_Tulle.JPG
De Manufacture d'Armes (MAT) te Tulles waar het personeel van het MAE werd tewerkgesteld
IGFM in Frankrijk
Luitenant-generaal IFM Jamotte bevindt zich nog steeds te Parijs op het Franse Ministerie van Bewapening en na de verhuis bevinden de verschillende arsenalen en werkplaatsen van de EFM zich op volgenden locaties
  • Et SPG in Lannemezan
  • FRC in Roanne (Loire)
  • MAE in Brive-la-Gaillarde en Tulle (Corrèze)
  • AFM in Tarbes
  • AS in Saint-Etienne (materieel) en Roanne (Personeel)

MAE/EFM in Frankrijk
Volgende officieren van de MAE zijn erin geslaagd Brive-la-Gaillarde te bereiken: Kol IFM Bertand (Directeur), Maj Charles (Beheerder), Cdt IFM Dufour (Onderdirecteur), Cdt IFM Spirlet, Cdt Soumoy, Kapt IFM Toulmonde, Kapt IFM Dumont, Kapt IFM Parmentier, Lt IFM Declaye, Lt CDM Wastelain, Lt Quiriny, Lt Res Fumal, Lt Res Filot, Lt Res Jacquet, Lt Res Culot en Lt Res Dupont. Ook de secretaris van de MAE, Dhr Moors is in Brive terechtgekomen.

AC/EFM in Frankrijk
Om 09u00 ontvangt Kol Brasseur een telefoontje van zijn collega van het MAS met de boodschap dat het Franse Ministerie van Bewapening beslist heeft dat de Belgische arbeiders in eerste plaats dienden tewerkgesteld te worden in de Franse wapenfabriek. De overige arbeiders zouden aan de slag kunnen in een verlaten werkplaats in Boen-sur-Lignon, een vijftigtal kilometer ten noordoosten van Saint-Etienne. Kolonel IFM Brasseur had die werkplaats echter al verkend te samen met zijn onderdirecteur en die volledig ongeschikt gevonden om er het arsenaal in onder te brengen. Na een nieuw gesprek met de directeur van de MAS verneemt hij dat het ministerie eigenlijk beslist heeft dat het personeel van het AC verspreid zou worden over verschillende Franse werkplaatsen in Rennes, Toulouse, Lyon, Roanne en Saint-Etienne.
26mei.jpg
AC_SS_Henri_Jaspar.jpg
De s.s. Henri Jaspar van de CMB die op 26 mei in La Rochelle aanmeerde
FRC/EFM in Frankrijk

Het personeel van de FRC wordt hartelijk onthaald door de Fransen te Roanne maar wordt onmiddellijk aan het werk gezet in het plaatselijk arsenaal. De werkdagen zijn er lang; de arbeidsdag begint om 05u15 en eindigt op 19u5 met een middagpauze van twee uur. Dit uurrooster wordt gedurende zes dagen aangehouden, enkel op zondag wordt om 12u00 gestopt met werken. De mannen van de FRC kloppen werkweken van 78 uur.

AFM/EFM in Frankrijk
De colonne onder bevel van 1ste Kapitein IFM Philips komt in de nacht van 26 op 27 mei toe op zijn bestemming in Tarbes.

MAE/EFM in Frankrijk
Vanaf 26 mei wordt het personeel van de MAE tewerkgesteld in het Atelier de Construction de Brive (ACB) en in de Manufacture d'Armes de Tulle (MAT) op zo'n 25 kilometer van Brive.

AC/EFM in Frankrijk
Kolonel Brasseur is vast van plan om zijn opdracht, namelijk het heropstarten van het arsenaal in Frankrijk, ter harte te nemen en neemt contact op met de Algemene Inspecteur der Militaire Fabricaten, LtGen IFM Jamotte, die zich in Parijs, bij het Franse Ministerie van Bewapening bevond. De situatie zit muurvast tot plots het bericht binnenkomt dat het stoomschip "Henri Jaspar", onderweg naar België, werd afgeleid naar de haven van La Rochelle. Op 26 mei komt het schip, volgeladen met zo'n tweeduizend chassis voor voertuigen, toe in haven La Pallice nabij La Rochelle en moet er door het personeel van het AC ontladen worden. Onmiddellijk wordt een officier op verkenning gestuurd naar la Rochelle om het lossen van het schip te bespreken. Wanneer vanuit Parijs opdracht gegeven wordt om de chassis naar Boen over te brengen ziet Kol Brasseur de kans om aan een inlijving door het MAS te ontsnappen. Na kort overleg met zijn officieren beslist hij om het arsenaal naar La Rochelle over te brengen en daar een geschikte plaats te zoeken om de werkplaats in te richten. Nog voor de avond vertrekt het installatiepersoneel naar La Rochelle om de verhuis voor te bereiden. LtGen IFM Jammotte wordt nadien telefonisch op de hoogte gebracht van de beslissing en geeft zijn zegen voor de verhuis.
27mei.jpg
AC/EFM in Frankrijk
De staf van het arsenaal neemt contact op met de stations van Saint-Etienne en van Roanne om respectievelijke één trein met materieel en één trein voor personeel te laten samenstellen en om een rijpad naar La Rochelle aan te vragen. Ondertussen wordt een aantal arbeiders die met een tijdelijke contract in dienst werden genomen door het AC naar de wapenfabriek van Saint-Etienne gestuurd om aan de vraag van de Fransen te voldoen en alzo geen argwaan te wekken. De Fransen zijn echter niet bereid om het snel op te geven en blokkeren de treinstellen in de stations van Saint-Etienne en Roanne. Het Belgisch personeel krijgt de opdracht om op de treinen te blijven zitten en geen gehoor te geven aan de Franse bevelen om uit te laden. Uiteindelijk vertrekt de trein met materieel met vier uur vertraging uit Saint-Etienne, de trein met personeel wordt 48 uur opgehouden in Roanne. Tevens wordt een colonne voertuigen samengesteld die zonder vracht Saint-Etienne verlaten op 27 mei.
28mei.jpg
AFM/EFM in Frankrijk
Uiteindelijk is de evacuatie van de AFM geen succes geweest. Ondanks het feit dat de werkplaatsen op twee dagen tijd werden ontmanteld en opgeladen en dat ook het meeste personeel een plaatsje vond op een trein richting zuiden, zijn er maar weinig treinen in het zuiden van Frankrijk geraakt. De twee treinen met de arbeiders en hun families zijn ten noorden van de Somme blijven steken. Naast enkele bedienden en personeelsleden die met eigen middelen naar het zuiden zijn getrokken en de officieren en onderofficieren die in konvooi langs de baan naar het zuiden reden zijn enkel de arbeiders die instonden voor de begeleiding van de goederentreinen in Tarbes geraakt. Slechts een honderdtal goederenwagons, wat ongeveer 50% van het total aantal geladen treinwagons is, hebben Zuid-Frankrijk bereikt.

AC/EFM in Frankrijk
Uitgerekend op de dag van de Belgische capitulatie komt Kolonel IFM Brasseur toe in La Rochelle. Niet zonder enige moeite slaagt hij erin om toegang te krijgen tot een verlaten vluchtelingenkamp in Surgère (Charente Maritime), zo'n 30 kilometer ten oosten van La Rochelle. Hij wordt hierbij geholpen door de Belgische Consul van La Rochelle en de Franse Plaatscommandant. Het personeel zal er worden ondergebracht in houten barakken. Op 29 en 30 mei komt het materieel en het personeel toe in Surgère en met behulp van de burgemeester van Surgère verloopt de installatie van het arsenaal vlot. Uiteindelijk legt ook het Franse Ministerie van Bewapening zich neer bij de feiten waardoor het arsenaal kan worden opgestart als een onafhankelijke Belgische werkplaats. Allicht houdt dit verband met het feit dat de Belgische regering in ballingschap onder druk van de Fransen instemt om de 7de Infanteriedivisie (7Div) terug operationeel te maken met de bedoeling deze grote eenheid zo snel mogelijk in te zetten aan de zijde van het Franse leger. De Belgische regering denkt eraan een nieuw veldleger van zes infanteriedivisies en een tankdivisie samen te stellen en een Belgisch Arsenaal voor het Wagenpark kan hiertoe bijdragen. De 7Div bevindt zich op dat ogenblik in Bretagne na een stapsgewijze terugtocht van het Albertkanaal waar ze op 11 mei werden teruggedrongen door de Duitsers.
12 juni 40
FRC/EFM in Frankrijk
Het werk in een arsenaal is nooit zonder gevaar. De 28 jarige Raymond Tits is vastbesloten zich ten volle in te zetten voor de strijd tegen Duitsland. Hij werkt in het arsenaal van Roanne ten voordele van het Franse leger. Op 12 juni ontstaat brand in één van de tanks die hij aan het herstellen is. Hij wordt levend verbrand en kan niet meer gered worden.
17 juni 40
IGFM/ECM in Frankrijk
Op 17 juni om 13u30 kondigt Maréchal Pétin in een radiotoespraak aan de Franse bevolking de nakende capitulatie van Frankrijk aan.

AC/EFM in Frankrijk
Op 18 juni starten de Fransen met de ontruiming van Bretagne onder druk van de Duitsers die snel oprukken langs de Atlantische kust. Het Franse Ministerie van Bewapening geeft het bevel aan het AC om terug te plooien richting Langon (Gironde) ten zuiden van Bordeaux. Het installatiepersoneel die de verhuis moet voorbereiden vertrekt op 19 juni naar Saint-Martin-de-Lerm om er met het Ministerie van bewapening de installatie van het AC in Langon te coördineren. Uitgerekend op 19 juni waren de machines geïnstalleerd in de productiehal die ter beschikking stond van het AC. Ook kwamen de eerste voertuigen toe die dienden gereviseerd te worden.
18 juni 40
FRC/EFM in Frankrijk
Een gedeelte van het personeel van het FRC alsook Majoor IFM Marchal wordt doorgestuurd naar het arsenaal van Tarbe (Hautes-Pyrénées) waar zich reeds het AFM bevond.
20 juni 40
AC/EFM in Frankrijk
Nieuwe orders worden telefonisch verspreid, de bestemming voor het AC in het zuiden wordt gewijzigd van Langdon naar Toulouse. Kolonel IFM Brasseur neemt de nodige maatregelen om zowel alle personeel maar ook het materieel te verhuizen naar Toulouse. Er zijn echter onvoldoende voertuigen beschikbaar om alles in één keer te verhuizen en een stapsgewijze verhuis wordt gepland. De Franse Plaatscommandant van La Rochelle is gekant tegen de verhuis van de Belgen en wil ze ter plaatse houden. Hij wordt teruggefloten door het Franse Ministerie van bewapening maar weigert ook maar enige steun te leveren voor de verhuis van het arsenaal. Toch is het dispuut nog niet helemaal opgelost. Tegen de middag wordt Kolonel IFM Brasseur door een motorestafette vanuit Saint-Martin-de-Lerm op de hoogte gebracht dat slechts een gedeelte van het arsenaal naar Toulouse kan vertrekken, de rest moet doorwerken in Surgère. De directeur van het arsenaal verzamelt zijn personeel en brengt hen op de hoogte van de nieuwe orders. Twee groepen worden gevormd hetgeen leidt tot de eerste scheiding van het personeel van het arsenaal dat tot dan toe integraal de verplaatsing naar Frankrijk heeft kunnen maken. Het personeel werd ook uitbetaald op die dag en aangezien het onmogelijk was het exacte bedrag te berekenen ontvangt elk personeelslid 1.000 Belgisch frank. Na de uitbetaling van de lonen verlaten diegenen die in Surgère zullen blijven de werkplaats. Zij worden onder bevel geplaatst van drie vrijwillige officieren, onder wie Kapitein Voncken en Luitenant Matton. De rest begint met het laden van het noodzakelijk materieel en maakt zich klaar om naar Toulouse te vertrekken. Uiteindelijk vertrekt om 21u00 een colonne van 40 vrachtwagens richting Toulouse. Tijdens een halte te Pons beslist Kol Brasseur door te rijden tot Toulouse om er nieuwe orders in ontvangst te nemen. Hij beveelt de colonne na de halte door te rijden naar Toulouse en bij aankomst te wachten aan de rand van de stad.
22 juni 40
IGFM/ECM in Frankrijk
De Franse wapenstilstand met Duitsland wordt ondertekend op 22 juni maar het zal nog tot 25 juni duren vooraleer alle vijandelijkheden gestaakt worden. Frankrijk is nu de facto opgedeeld in een deel dat bezet wordt door de Duitsers en een deel onder controle van de regering Vichy. De Belgische eenheden moeten zich snel verplaatsen naar het onbezet deel van Frankrijk om uit de klauwen van de Duitsers te blijven. Wie werd voorbijgestoken door de Duitsers werd onmiddellijk krijgsgevangen genomen. Wie erin slaagde het onbezet stuk van Frankrijk te bereiken wachtte geen beter lot. De Franse Vichy regering heeft geen zin om de Belgische strijdkrachten nog verder te steunen in hun strijd tegen Duitsland. Ze zijn trouwens met de Duitsers overeengekomen de Belgen te ontwapenen en aan de Duitsers uit te leveren. Nog anderhalve maand blijven de gedemotiveerde Belgische eenheden doelloos rondhangen in Frankrijk waarna ze tegen eind augustus naar België teruggestuurd worden. Dienstplichtige officieren, onderofficieren en soldaten worden niet gevangen genomen voor zover ze terug in België zijn voor eind augustus. De beroepsmilitairen vervoegen hun eerder gevangen genomen collega's in Duitsland.

AC/EFM in Frankrijk
In Toulouse verneemt de directeur van het arsenaal dat hij onmiddellijk op zijn stappen moet terugkeren en de colonne tegenhouden wanneer hij ze onderweg tegenkomt. De colonne moet daar kantonnementen opzoeken. De colonne wordt gestopt te Agen en afgeleid naar Lectourne waar ze vanaf nu zullen verblijven tot hun repatriëring naar België.

Register van Gesneuvelden

AFM

DE VRIESE

Odilon, L.E.

Burger



24/03/1895

Brugge

24/05

Coquelles (F)


AFM

NIELANDT

Albert, R.

Sdt
Mil
37

04/07/1917

Kruibeke

21/05

Calais (F)


Ars Wagenpark

DE CORTE

Hector, H.

Sdt



30/01/1884

Dendermonde

21/05

Malaunay (F)


FRC

BERTRAND

Marcel, A.J.

Sdt
Mil
22

15/07/1903

Stavelot

12/05

Brugge

Omgekomen bij een ongeval tijdens de verhuis van de FRC uit Brugge
FRC

BORLE

Laurent, A.

Burger



23/01/1893

Liège

11/06

Roanne (F)

Overleden door uitputting
FRC

CHAUMONT

Guillaume, J.

Kpl
BV


12/05/1900

Liège

12/05

Landen

Gedood in luchtbombardement
FRC

DAVID

Etienne, F.G.

Sdt
Mil
25

10/08/1905

Liège

13/05

Ath

Gedood in luchtbombardement
FRC

DEBY

Henri, M.

Burger



11/10/1882

Mortier

15/06

Rouen (F)


FRC

FRANTZEN

Théodore

Burger



22/01/1886





Grandville

Gedood in luchtbombardement
FRC

FRENAY

Jean

Sdt
Mil
27

03/01/1907

Vottem

23/06

Calais (F)

Gedood in beschieting. Of + 26/06?
FRC

GAROT

Olivier

Sdt
Mil
14

21/04/1894

Glons

12/05

Hannut

Gedood in luchtbombardement
FRC

GEERAERTS

Jean





12/09/1890



12/05

Hannut

Gedood in luchtbombardement
FRC

KERREMANS

Pierre

Burger



15/09/1888

Liège

12/05

Hannut

Gedood in luchtbombardement
FRC

MOTTET

Joseph, G.

Burger



6/03/1880

Liège

21/06

Mably (F)

Overleden door uitputting
FRC

TITS

Raymond





29/06/1912



12/06

Roanne (F)

Omgekomen in ongeval
MAE

DESOLEIL

Jean





02/02/1892



03/06

Brive (F)

Overleden door uitputting
MAE

DOTHEE

Antoine





?



?

Brive (F)

Overleden door uitputting
MAE

MARTIN

Jules





17/06/1900



16/05

Vissoul

Gedood in luchtbombardement
Ars Wagenpark

VAN HEMELRIJCK

Pierre

Burger



03/12/1894

Antwerpen

24/05

Roanne (F)


MAE

VLEKKEN

Henri, J.T.

Burger



29/10/1894

Liège

04/06

Brive (F)

Overleden door uitputting

Bovenstaande lijst werd opgemaakt aan de hand van het bestand der gesneuvelden van de Achttiendaagse Veldtocht van het Centrum voor Historische Documentatie van Defensie, aangevuld met zorgvuldig getoetste gegevens uit personeelsdossiers van de Sectie Administratieve Expertise - Ondersectie Notariaat van Defensie, het steekkaartenbestand van het IV-NIOOO en enkele overlijdensakten op bel-memorial.org. Meer informatie over het bestand der gesneuvelden vindt U op de pagina Aanpak en Achtergrond. Geverifieerde aanvullingen en correcties bij deze lijst zijn van harte welkom op 18daagseveldtocht@gmail.com

Bibliografie en Bronnen

1.
L'armée belge de France en 1940, door Jean Jamart Col BEM Hre, uitgeverij Schmitz, Bastogne, 1994
2.
Algemene informatie over het Fort van Zwijndrecht [On Line beschikbaar]: https://nl.wikipedia.org/wiki/Fort_van_Zwijndrecht [laatst geraadpleegd:19 februari 2017].
3.
Wedervaren 1ste Kapitein Paul Dufour, onderdirecteur Staatswapenfabriek. [On Line beschikbaar]: http://www.freebelgians.be/articles/articles-3-88+le-major-ifm-ing-nieur-de-fabrication-militaire-paul-dufour.php [Laatst geraadpleegd 21 februari 17]
4.
Militair Hospitaal en Arsenaal, Inventaris Onroerend Erfgoed [On Line beschikbaar]: https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/7254 [Laatst geraadpleegd 21 februari 17]
5.
Relaas FRC en MAE tijdens WOII [On Line Beschikbaar]: http://www.clham.org/t-4-fasc-6-dufour [Laatst geraadpleegd 24 februari 17]
6.
Achtergrond informatie over het stoomschip "Henri Jaspar" [On line beschikbaar]: http://www.rdm-archief.nl/RDM-NB/RDM-153.html [Laatst geraadpleegd 26 februari 17]
7.
Geschiedenis van de Koninklijke Kanongieterij [On Line Beschikbaar]: http://histoiresdeliege.skynetblogs.be/archive/2016/02/14/du-prieure-saint-lenard-a-la-fonderie-de-canons-8568497.html [Laatst geraadpleegd 4 maart 17]
8.
Kaarten met het netwerk van de buurtspoorwegen van 1940 zoals die gebruikt werden voor de evacuatie van de Et SPG [On Line beschikbaar]: https://nl.wikipedia.org/wiki/Lijst_van_NMVB-tramlijnen_in_Belgi%C3%AB#Oost-Vlaanderen [Laatst geraadpleegd 5 maart 2017]