IIIde Legerkorps (III/LK)

IIIe Corps d'Armée (III/LK)

Overzicht op 10 mei 1940

Type
Infanteriekorps

Bevelhebber
Luitenant-generaal Joseph de Krahe

Stafchef
Majoor SBH F. Colsoulle

Commandant Artillerie
Generaal-majoor Albert Jadot

Commandant Genie LK
Kolonel F. Beaupain

Commandant Genie VPL
Kolonel SBH M. Oudenne

Commandant Luchtvaart
Majoor Vlieger A. Damblon

Commandant Transportkorps
Kolonel E. Lefebvre

Commandant Gezondheidsdienst
Geneesheer Kolonel J. Disclez

Commandant Paardenartsenijdienst
Dierengeneesheer Luitenant-kolonel Tihange
Standplaats
Versterkte Positie Luik
Commandopost in de Citadel te Luik

Organieke Eenheden
Hoofdkwartier


2de Infanteriedivisie


3de Infanteriedivisie


23ste Bataljon Genie


23ste Bataljon Transmissietroepen


15de Regiment Artillerie


Geneeskundig Korps III LK
Staf (Med LtKol E. Claes)


Geneeskundige Versterkingscompagnie (Med 1Kapt G. Oury)


1ste Legerkorpsambulance (Med Lt J. Daenen)


2de Legerkorpsambulance (Med 1Kapt J. Biquet)


Geneeskundige Ambulance (Med Maj R. Schuermans)


Lichte Heelkundige Ambulance (Med 1Kapt G. Cambresier)


Hygiënetrein (Med 1Kapt G. Pirson)

Intendancekorps III LK
Staf


Compagnie Intendance

Transportkorps III LK
Staf (Cdt C. Kosmant)


1ste Autopeloton voor Artilleriemunitie (1PAMA) (Lt F. Mathot)


2de Autopeloton voor Artilleriemunitie (2PAMA) (Lt G. Bodeux)


Autopeloton voor Ravitaillering (PARa) (Kapt G. Gourlez de la Motte)


1ste Autopeloton der Sanitaire Vervoersformaties


2de Autopeloton der Sanitaire Vervoersformaties


Autopeloton voor Materieel (PAMat) (Lt L. Barbier)


Atelier voor Herstelling van het Wagenpark (ARCA) (Lt R. Collin)


Atelier voor Herstelling van het Materieel (ARM) (Lt N. Van Dantzig)


Ontsmettingscompagnie (Lt P. Bonjean)

Compagnie Luchtafweermitrailleurs III LK (Lt E. Renette)

Provoost (Majoor F. Van Coppenolle)

Tijdelijke Eenheden
Regiment Vestingsartillerie Luik

1ste Regiment Lansiers

1ste Regiment Grenswielrijders

2de Regiment Grenswielrijders

4de Regiment Carabiniers-Wielrijders

VIIde Bataljon Speciale Vestingstroepen

Eskadron Wielrijders 11de Infanteriedivisie

IIIde Groep 1ste Luchtvaartregiment

18-Daagse Veldtocht

Datum
Belangrijkste Gebeurtenissen

III_Legerkorps_Citadel_Luik.jpg
Het hoofdkwartier van het IIIde Legerkorps stond opgesteld in de citadel van Luik.
t_luik.jpg
HK III/LK
De staf van het IIIde Legerkorps (III/LK) wordt op 26 augustus 1939 gemobiliseerd in de Kazerne Ruiter Fonck te Luik en wordt enkele dagen later in twee echelons gesplitst. Luitenant-generaal de Krahe en de kern van het hoofdkwartier installeren zich op de Citadel van Luik. LtGen de Krahe is niet alleen bevelhebber van het III/LK maar in cumul ook de commandant van de Versterkte Positie Luik (Position Fortifiée de Liège oftewel PFL) en commandant van de 3de Militaire Circonscriptie. Het tweede echelon van het III/LK vindt een onderkomen te Awans-Bierset ten westen van de stad. Het III/LK speelt een sleutelrol in de verdediging van de provincie Luik bij een mogelijke aanval van Duitsland. Deze opdracht omvat drie taken:

A. Bezetten van de Alarm Positie langs de Belgische oostgrens tussen Lixhe via Teuven en Gemmenich tot Losheimergraben. Deze taak wordt uitgevoerd door een beperkt aantal detachementen:
  • een reeks van tweeëndertig alarmposten (PA: Poste d'Alerte) met een ploeg bestaande uit telkens één korporaal en drie soldaten
  • deze alarmposten worden aangevuld door zes officiersinlichtingenposten (RO: Reconnaissance Officier) bestaande uit één officier en een twaalftal manschappen
  • de Rijkswacht patrouilleert eveneens langsheen de grens van uit een tiental vaste posten (PF: Poste Fixe) en onderzoeksposten (PE: Poste d'Examen)
  • vervolgens zijn er talrijke vernielingsploegen actief bij de ondermijnde spoorwegen, verkeersknooppunten, bruggen en viaducten
  • ook bevinden zich in de militaire en gemilitariseerde burgerlijke telefooncentrales detachementen van de transmissietroepen
  • tot slot zijn ook de lokale brigades van de Territoriale Rijkswacht nog aanwezig in het grensgebied

B. Bezetten van een Voortuitgeschoven Positie vanaf de Voerstreek in het noorden tot aan Stavelot in het zuiden om de vijand te vertragen en te kanaliseren. Deze positie loopt over Buesdael, Hombourg, Henri-Chapelle, Limbourg, Jalhay, Hockai, Francorchamps en Meiz. In het noorden wordt ze bezet door het 1ste Regiment Grenswielrijders (1CyF) en in het zuiden door het 1ste Regiment Lansiers (1L).

C. Verdediging van de Versterkte Positie Luik (Position Fortifiée de Liège oftewel PFL). De laterale grenzen van deze verdedigingsgordel rondom Luik worden gevormd door Lixhe in het noorden en Comblain-au-Pont en Engis in het zuiden. De Versterkte Positie Luik bestaat uit vier linies:

  • Het verst buiten de stad ligt de PFLI linie over een lengte van ongeveer 50Km tussen Visé en Comblain-au-Pont met de drie nieuwe forten van Aubin-Neufchateau, Battice en Tancrémont, aangevuld met 179 betonnen bunkers. Tussen de forten van de PFLI linie worden geen gevechtseenheden opgesteld.
  • De PFLII linie is ongeveer 28Km lang en loopt van Barchon tot Boncelles. Op deze linie zullen bij een vijandelijke inval de 2de Infanteriedivisie (2Div) en de 3de Infanteriedivisie (3Div) post vatten. De linie omvat de vernieuwde forten van Barchon, Evegnée, Fléron, Chaudfontaine, Embourg en Boncelles aangevuld met 61 betonnen bunkers in twee echelons.
  • De PFLIII linie bestaat uit drie steunpunten op de rechteroever van de Maas te Visé, Argenteau en Jupille-Renory. Te Visé zijn 19 bunkers gebouwd, waarvan 4 met een C47 anti-tankkanon. Het steunpunt te Argenteau bestaat uit 10 bunkers, waarvan 2 met een C47, en het steunpunt te Jupille telt 13 bunkers, waarvan 8 over een C47 beschikken.
  • De Maas wordt gedekt door de PFLIV linie die op de forten van Flémalle en Pontisse kan rekenen en bestaat uit 31 bunkers aan de oever van de Maas tussen Flémalle en Lixhe, 9 bunkers aan het Albertkanaal tussen Coronmeuse en Ternaaien en 10 bunkers tussen het fort van Pontisse en Ternaaien.

Voor deze uitgebreide taak kan het III/LK beschikken over heel wat tijdelijke eenheden die voor deze opdracht onder bevel van het III/LK komen te staan. Hierdoor beschikt het IIIde Legerkorps op 09 mei voor de verdediging van de Provincie Luik over het equivalent van 29 gevechtseenheden (infanterie, wielrijders en cavalerie) ter grootte van een bataljon. In totaal bevinden 20 bataljons zich ten oosten van de Maas en 9 bataljons ten westen van de stroom. De organisatie voor het gevecht is als volgt:


Geneeskundig Korps III/LK
Op niveau korps is sinds oktober 1939 een Medisch-Chirurgisch Centrum (MCC) ingericht te Juprelle. Dit centrum gebruikt het Militair Hospitaal van Luik als evacuatiebestemming.
10mei.jpg
t_luik.jpg
HK III/LK
De staf van het IIIde Legerkorps wordt om 00u40 als één der eerste grote eenheden van het veldleger in staat van alarm gebracht door het Groot Hoofdkwartier. Alle eenheden van het IIIde Legerkorps nemen hun voorziene stellingen in, de forten van het Regiment Vestingsartillerie Luik bemannen hun geschutskoepels en kazematten.

De diverse Alarmposten langsheen de grens maken dan reeds gewag van verontrustende geluid- en lichtwaarnemingen aan de overkant van de grens. Wanneer de vijand de grens overschrijdt worden de geplande vernielingen uitgevoerd en worden de alarmposten opgevangen op de Vooruitgeschoven Positie. Nadat alle alarmposten zijn binnengelopen trekken de eenheden van de Vooruitgeschoven Positie zich terug naar Luik. Het 1CyF hergroepeert zich te Liers terwijl 1L zich hergroepeert te Grâce-Berleur.

Tijdens de ochtend komt er onheilspellend nieuws vanuit de zone van het Iste legerkorps (I/CA) dat stond opgesteld achter het Albertkanaal ten noorden van het III/LK. Bij de 7Div slagen de Duitsers erin om bij eerste klaarte het Albertkanaal te overschrijden nabij Vroenhoven en Veldwezelt. Ook het fort van Eben Emael wordt zeer snel uitgeschakeld door een gedurfde luchtlandingsoperatie. Tegen de avond heeft de vijand de 7Div aangeklampt over de ganse breedte van de divisiesector waardoor de weg naar Tongeren open ligt. Omdat de Versterkte Positie Luik vanuit het noordwesten dreigt omsingeld te worden besluit het Groot Hoofdkwartier al tijdens de avond van 10 mei dat de posities van de PFLII linie ten oosten van de stad niet kunnen behouden worden door het III/LK. Het oppercommando wil het risico van een omsingeling niet nemen en geeft om 20u00 het bevel om de oostelijke oever van de Maas versneld te ontruimen, met uitzondering van de forten. Om 21u30 worden de divisiecommandanten door het HK het IIIde Legerkorps gebriefd over de nieuwe opstelling die tijdens de nacht van 10 op 11 mei zal worden ingenomen. De 3Div zal verplaatst worden om een nieuwe defensieve positie in te nemen op de linkeroever van de Maas vanaf Lixhe, over de stad Luik heen om vervolgens op de rechter Maasoever aan te sluiten bij de posities van de Groepering Keyaerts langs de Ourthe. Omdat de frontlinie hierdoor dermate ingekort wordt is de 2Div niet langer nodig voor de verdediging van Luik. De 2Div krijgt dan ook opdracht om de PFLII linie zo snel mogelijk te ontruimen en zich naar de K.W. Stelling te begeven. De geplande nieuwe opstelling is als volgt:
  • De Sector Maas-Stroomafwaarts blijft toegewezen aan de Groepering Gits
  • De 3de Infanteriedivisie zal zich op twee echelons installeren op de linkeroever van de Maas
  • Een nieuwe groepering onder bevel van Generaal-majoor Robert Paret, Commandant Infanterie van de 2Div, wordt opgericht voor de verdediging van de Ourthe vanaf de samenloop met de Maas tot Comblain-au-Pont:
    • IIde Bataljon van het 28ste Linieregiment
    • 4de Regiment Carabiniers-Wielrijders
    • 1ste Regiment Lansiers minus het 1ste en het 2de Eskadron

  • Reserve III/LK:
  • De 2de Infanteriedivisie wordt doorgestuurd naar de K.W. Stelling, met uitzondering van het I/6Li dat op de sector Maas-Stroomafwaarts blijft, en II/28Li dat aan de nieuwe Groepering Paret wordt toegevoegd

Geneeskundig Korps III/LK
Op 10 mei meldt Geneesheer Luitenant-kolonel Claes om 04u30 dat zijn MCC volledig operationeel is. Rond het middaguur wordt met personeel in overtal een tweede, geïmproviseerde Medische Versterkingscompagnie samengesteld die in zijn geheel gedetacheerd wordt naar het 4de Regiment Carabiniers-Wielrijders in een poging om alle gevechtseenheden van een min of meer gelijkwaardige medische steun te voorzien. De compagnie bereikt de staf van het 4Cy om 17u00.

Provoost III/LK
Majoor Van Coppenolle en zijn Rijkswachters verblijven net naast de Citadel, aan de Rue du Glacis 7.
11mei.jpg
IIILK_Heelk_Amb.JPG
Artsen en steunpersoneel van de Lichte Heelkundige Ambulance van het IIIde Legerkorps.
t_luik.jpg
HK III/LK
Op 11 mei moet het III/LK tot driemaal toe zijn dispositief wijzigen om hoofd te bieden aan de vijandelijke acties. Tijdens de dag worden volgende fases doorlopen:

A. Reorganisatie west van de Maas
Tijdens de nacht van 10 op 11 mei ontruimen de eenheden van het IIIde Legerkorps de PFLII linie. Na de reorganisatie is de situatie als volgt:
  • De forten krijgen opdracht de strijd verder te zetten zonder steun van de gevechtseenheden.
  • De Groepering Gits bezet nog steeds de sector "Meuse-Aval".
  • De 3Div neemt een nieuwe defensieve stelling in op de linkeroever van de Maas en verlengt de stelling van de Groepering Gits tot aan de samenvloeiing van de Maas en de Ourthe. De divisie installeert zich op twee echelons; het eerste echelon loopt van Chertal tot aan de Ourthe, het tweede echelon loopt ten westen van deze linie op het plateau dat over de Maas uitkijkt, tussen Grâce-Berleur en Liers. Het tweede echelon komt onder het bevel van Kolonel SBH Barthélemy, commandant van 1Li te staan. Het 1Li stelt zijn commandopost op te Alleur. De divisiestaf vindt een nieuw onderkomen in het oude fort van Lantin.
  • De 2Div verlaat in de vroege ochtend, gedekt door de duisternis van de nacht, zijn stelling op de fortenlijn en trekt terug over de bruggen van Wandre en Herstal naar de westelijke oever. Deze bruggen worden omstreeks 11u00 opgeblazen door de technische wachten van het 23ste Geniebataljon. De ganse 2Div, op twee infanteriebataljons na (I/6Li en II/28Li), zal na dit manoeuvre naar de K.W. Stelling geëvacueerd worden. De manschappen zullen met autobussen en vrachtwagensvan de Legerautogroepering vervoerd worden. De paardengespannen worden op de trein geplaatst en de artillerie van de divisie zal in vier etappes langs de baan naar het westen reizen.
  • De Groepering Paret verlengt de stelling van de 3Div langs de Ourthe tot Comblain-au-pont waar de verbinding wordt gemaakt met de stellingen van de Groepering Keyaerts. Langs de westelijke oever van de Ourthe worden van noord naar zuid het 1L(-), het II/28Li en het 4Cy opgesteld. Het 1ste Regiment Lansiers, dat zich nog op de westelijke Maasoever te Grâce-Berleur bevond zet zich om 02u30 in beweging richting Ourthe. Het regiment bereikt tegen 08u00 zijn nieuwe stelling bij de Groepering Paret.
  • De mobiele reserve van het III/LK bestaat uit 1CyF dat zich te Liers bevindt, het I/2CyF in Alleur en het 1/I/1L dat zich klaar houdt te Grâce-Berleur.

B. Versterking van de noordwest flank
Het III/LK ziet terecht dat zijn noordelijke flank steeds meer bedreigd wordt. Om de flankdekking te verzekeren, stuurt het IIIde Legerkorps om 10u00 drie bataljons naar het noordwesten om post te vatten langsheen de Jeker, tussen het dorp Glons en het gehucht Pierreux ten oosten van Bassenge. Hiervoor worden het Iste en IIIde Bataljon van 1Li uit het tweede echelon gehaald om samen met III/1CyF van de korpsreserve over te gaan naar de Goepering Gits:
  • het Iste Bataljon van het 1ste Linieregiment wordt doorgestuurd naar Glons.
  • het IIIde Bataljon van het 1ste Linieregiment wordt naar Boirs bevolen.
  • het IIIde bataljon van het 1ste Regiment Grenswielrijders dient te Bassenge en Pierreux langsheen de spoorlijn stelling te nemen.
  • de formatie zal versterkt worden door de Compagnie Getrokken C47 van de 3de Infanteriedivisie die aan elk bataljon één van zijn drie pelotons zal toewijzen.
  • Kolonel SBH L. Barthélemy, commandant van het 1Li, zal deze formatie bevelen vanop de commandopost van de Groepering Gits te Heure-le--Romain.

De Groepering onder bevel van Kolonel SBH Barthélemy wordt rond het middaguur aangevuld met twee bataljons die westflank moeten verlengen en stelling nemen op de lijn Glons-Sluizen-Vreren. Het betreft twee bataljons uit de korpsreserve namelijk het:
  • Iste Bataljon van het 1ste Regiment Grenswielrijders
  • IIde Bataljon van het 1ste Regiment Grenswielrijders

Dit leidt tot een wijziging in de samenstelling van de korpsreserve die zal nu bestaan uit:

Omwille van de toenemende onrust over een mogelijke doorbraak uit het noordwesten wordt de fractie van het 1ste Regiment Lansiers dat onderdeel uitmaakt van de Groepering Paret om 13u00 teruggeroepen naar Juprelle om de linie langsheen de Jeker aan te vullen. Het 1L passeert voor de derde maal de Maas en begeeft zich naar Juprelle waar ze in reserve van het korps gehouden worden. Onderweg wordt de colonne van 1L zwaar gebombardeerd door de Luftwaffe en er worden zware verliezen geleden. De ontplooiing langsheen de Jeker draait uit op een fiasco. Het Duitse leger neemt geen risico's en beschermt de flank van de 4de Panzerdivision (4(DEU)PzDiv) met alle mogelijke luchtmiddelen. Verscheidene Belgische formaties krijgen rake klappen door de Luftwaffe. Het directe effect van de luchtaanvallen is een mislukking van de in plaatsstelling van de flankbeveiliging. In plaats van langsheen de Jeker te ontplooien stellen de bataljons zich noodgedwongen op achter de Rue de Tongre tussen Hallembaye, Hautain-Romain en Hautain-Saint-Simeon om vervolgens vanaf Hautain-Saint-Siméon naar het zuiden af te buigen via Fexhe-les-Slins tot Juprelle. Elke poging om deze lijn te overschrijden wordt genadeloos afgestraft door de Duitse luchtmacht. Te Juprelle verliezen de lansiers en grenswielrijders heel wat manschappen en materieel. Ook elders worden verliezen geleden. Met de Duitse grondtroepen wordt enkel kortstondig contact gemaakt te Vreren door het I/1CyF. De Duitse hoofdkrachtinspaning ging vanuit Tongeren richting Hannuit en Gembloers. Naar het oosten toe werd enkel een flankbeveiliging opgesteld langs de Jeker tot Sluizen en vervolgens richting Vreren. Beide flankwachten zijn uit elkaars vaarwater gebleven.

C. Evacuatie van Luik
In de late namiddag beveelt het Groot Hoofdkwartier dat Luik dient verlaten te worden. Het IIIde legerkorps moet zijn overgebleven troepen over de rivier de Méhaigne sturen om ze aldaar onder dekking van de Franse troepen te brengen. De formaties die toegewezen waren aan de missie langsheen de Jeker worden samengevoegd tot de nieuwe groepering Flankwacht Noord en krijgen de taak om de aftocht uit Luik te dekken.

Tussen 18u00 en 19u00 verspreid de staf van het legerkorps de praktische instructies voor de evacuatie van Luik. Er worden vier marsroutes toegewezen die moeten toelaten om zo snel mogelijk de nodige afstand te scheppen tussen de Belgische en Duitse legers:
  • Flankwacht Noord
    • samenstelling: 1ste Regiment Grenswielrijders, 1ste Regiment Lansiers en 4de compagnie 32ste Bataljon Genie
    • bevelhebber: Kolonel SBH Jacques, 1CyF
    • marsbevel: vertrek vanaf 02u00 op 12 mei via Juprelle tot Braives
  • Groepering Gits / Sector Maas-Stroomafwaarts
  • 3de Infanterievisie
    • samenstelling: de vijf bataljons van de Maasoever (II/1Li, I/12Li, III/12Li, I/25Li en III/25Li) en de twee resterende bataljons van het tweede echelon op het plateau (II/12Li en II/25Li)
    • bevelhebber: Luitenant-generaal Lozet, commandant 3de Infanteriedivisie
    • marsbevel: vertrek vanaf 20u00 via Oupeye tot Outeppe en Hannêche
  • Groepering Paret / Sector Ourthe

Luitenant-generaal de Krahe beveelt dat de eerste verplaatsingen slechts bij valavond mogen starten. Met uitzondering van de VI/15A zullen de negen overgebleven batterijen van de artillerie één enkele colonne vormen die aan de marsroute van de 3de Infanteriedivisie toegevoegd wordt. Ook de drie nog aanwezige geniebataljons (3Gn, 23Gn en 32Gn) krijgen deze route toegewezen.

Door de situatie op het terrein, de gebrekkige communicatie, de paniek op de staf van het legerkorps zelf, en de verspreiding van tegenstrijdige orders over het al dan niet gebruiken van de route naar Hannuit, zal de afmars uit Luik in complete chaos verlopen. Colonnes worden slecht georganiseerd, tijdschema's lopen door elkaar, eenheden wijken af van hun marsroute en een belangrijk aantal detachementen zet koers richting Hannuit en zal zo de Duitse 4(DEU)PzDiv en 269(DEU)ID tegemoet lopen.

De colonnevorming bij Flankwacht Noord loopt volledig in het honderd door de vlucht van Kolonel SBH Jacques van 1CyF. Jacques neemt zijn orders in ontvangst op de Citadel van Luik en keert om 17u35 terug naar zijn commandopost te Voroux-les-Liers. Onderweg verneemt hij het valse gerucht dat de Duitsers genaderd zijn en besluit hij om nieuwe orders te gaan vragen op de Citadel. Als hier blijkt dat de staf van het IIIde Legerkorps op het punt staat te vertrekken, springt ook de kolonel zonder aarzelen in zijn voertuig en rijdt naar het westen. Alleen het 1ste Lansiers zal de correcte orders voor de afmars ontvangen, door de toevallige aanwezigheid van hun verbindingsofficier Luitenant Poswick. Alle overige eenheden worden aan hun lot overgelaten en hebben geen contact meer met hun bevelhebber.

De korpschef van het 12de Linieregiment interpreteert zijn instructies op foutieve wijze en stuurt zijn regiment om 18u30 de baan op. Tot overmaat van ramp duidt hij Hannuit aan als eindpunt van de etappe. Bij het vertrekpunt aan de brug van Coronmeuse kan een deel van de colonnes tegengehouden worden, maar de regimentsstaf, de stafcompagnie, een deel van het IVde bataljon en het IIde bataljon van het 1ste Linieregiment zijn dan al vertrokken naar Hannuit. Ook het Eskadron Wielrijders van de 3de Infanteriedivisie is onderweg naar deze incorrecte bestemming.

Intussen is ook de Compagnie Radiotelegrafisten van het 23ste Bataljon Genie uit Luik vertrokken. Het radionet tussen de diverse staven werd reeds omstreeks 15u00 gesloten en de compagnie is om 19u00 te Viemme. Van op de Citadel is dan ook geen telefoonverbinding met het Groot Hoofdkwartier meer, zodat Luitenant-generaal de Krahe geheel is afgesneden van zijn hiërarchische meerderen. De hoofdcentrale van het civiel telefoonnet wordt in de namiddag vernield. Het ondergrondse telefoonnet van de Versterkte Positie Luik valt uit omstreeks 19u30. Het ganse korps is vanaf dan aangewezen op estafetten.

Het tweede echelon van het hoofdkwartier dat te Awans-Bierset kantonneert, stuurt om 18u00 een verbindingsofficier naar de Citadel met de melding dat de vijand op het punt staat om Awans binnen te vallen. De 4(DEU)PzDiv is op dat ogenblik echter ten minste nog 2Km verwijderd van het kantonnement. Dit leidt tot het voortijdige vertrekt uit de Citadel van de 12de Compagnie van het 12de Linieregiment die het hoofdkwartier moet beveiligen. Wanneer een motorwielrijder van het 1ste Lansiers aankomt op de provoostdienst met het valse bericht dat de vijand te Rocourt is, slaat het hek helemaal van de dam. Paniek breekt uit bij de korpsstaf en iedereen wil zo snel mogelijk weg.

De staf vlucht weg uit de Citadel van Luik omstreeks 21u30 en vertrekt richting Hannêche. De motorvoertuigen komen eveneens vast te zitten in onnoemelijke verkeersopstoppingen te Flémalle (omstreeks 22u00) en Mallieue (omstreeks 23u00).

Geneeskundig Korps III/LK
De medische eenheden ontvangen het evacuatiebevel om 11u30. Het MCC te Juprelle wordt gesloten. De onvervoerbare gewonden worden aan het Rode Kruis overgedragen en achtergelaten. De colonnes zetten zich op weg naar Borgworm en lopen hiermee recht op de vijandelijke marsrichting af. Het duurt dan ook niet lang eer de eerste incidenten plaats vinden. De Hygiënetrein wordt kort na het vertrek door een luchtaanval gegrepen nabij het kruispunt van de baan naar Xhendremael en de steenweg op Tongeren. Van de 13 vrachtwagens die de eenheid bezit, worden er 10 vernield in het bombardement.

De overige eenheden bereiken Borgworm en kunnen enkele uren voor de komst van de vijand doorheen Hannuit trekken. Vervolgens wordt via Geldenaken koers gezet naar Waver.
12mei.jpg
HK III/LK
Luitenant-generaal de Krahe en het eerste echelon van het hoofdkwartier bereiken Hannêche rondom 04u00. Ook de overige staven zijn weg geraakt uit Luik:
  • Kolonel SBH Jacques is op eigen houtje richting westen gevlucht en heeft de formatie Flankwacht Noord aan zijn lot overgelaten. Jacques rijdt rond 02u30 door Hannuit.
  • De staf van de Groepering Gits / Sector Maas-Stroomafwaarts heeft Heure-le-Romain verlaten om 22u45 op 11 mei en komt aan te Ville-en-Hesbayre om 05u30 en te Ciplet om 06u30.
  • Het hoofdkwartier van de 3de Infanteriedivisie is uit het fort van Lantin vertrokken en bereikt om 05u00 het dorpje Lavoir.
  • De staf van de Groepering Paret / Sector Ourthe passeert te Engis omstreeks 04u45 en komt enige tijd later aan te Landenne.

Door het niet functioneren van de Flankwacht Noord, dienen zowel het 1CyF als het 1L hun eigen route uit te stippelen. De troepencolonnes van de Groepering Gits en van de 3de Infanteriedivisie zullen dan ook zonder effectieve dekking op hun noordflank dienen te vorderen. De vijandelijke verkenningstroepen van de 4. Aufklärungsabteilung zullen op een aantal locaties contact maken en slagen er in om het gevoel van paniek onder de Belgen continu aan te wakkeren.

Tijdens de loop van de dag bereiken de eenheden van de Groepering Gits en de 3de Infanteriedivisie de Méhaigne. Wapens en materieel worden in belangrijke hoeveelheden achtergelaten. De 8ste batterij van het 15de Regiment Artillerie bereikt de rivier met één enkele van zijn vier vuurmonden. Bij de 16de batterij van dit regiment gaan de voerders er met de paarden van door en blijven alle stukken achter. De Compagnie Getrokken C47 van de 3de Infanteriedivisie laat tien van zijn twaalf anti-tankkanonnen achter. De 5de compagnie van het 2de Regiment Grenswielrijders laat al zijn fietsen achter na een botsing met de vijand te Bierset. De meest onwaarschijnlijke hoeveelheid persoonlijke uitrusting wordt langs de weg geworpen om toch maar sneller vooruit te komen.

De Groepering Paret / Sector Ourthe zou in principe zonder problemen moeten weg kunnen komen. De Duitse troepen hebben de zuidoost rand van de Versterkte Positie Luik immers nog niet bereikt en als de overige drie formaties van het IIIde Legerkorps zich aan hun marsroutes houden, is ook de weg naar Namen vrij. Helaas verloopt het zo niet. De motorvoertuigen van het IIde bataljon van het 28Li rijden op eigen houtje richting Hannuit en vallen in handen van de vijand. Het voetvolk en de wielrijders van het 4Cy komen wel goed weg, maar lopen door de chaos op de wegen uren vertraging op en zullen pas in de loop van de namiddag de zuidelijke oever van de Méhaigne bereiken.

Duitse documenten maken gewag van ongeveer 3,500 krijgsgevangenen te Luik, waarvan allicht ook een deel afkomstig is van het Iste Legerkorps en het 2de Regiment Jagers te Paard.

Met de zware bewapening van het korps is het bijzonder erg gesteld. Het 3de Regiment Artillerie telt nog 23 vuurmonden op een totaal van 48. Bij het 15de Regiment Artillerie blijven nog 20 van de 64 stukken over. De batterij MVD-70 loopgrachtmortieren die bij de 3de Infanteriedivisie was aangehecht, is in zijn geheel te Luik blijven staan. Van de 48 C47 anti-tankkanonnen op de slagorde worden er op 12 mei nog 20 geteld. En van de 30 T13 pantserwagens hebben er welgeteld 4 de zuidelijke oever van de Méhaigne kunnen bereiken.

Geneeskundig Korps III/LK
De staf van het geneeskundig korps bereikt Waver rondom 03u00 en wacht de komst van zijn eenheden af. Na een pauze van enkele uren wordt besloten om verder te trekken. Omstreeks 08u00 wordt te Genappe halt gehouden.
13mei.jpg
Geneeskundig Korps III/LK
Het korps bereikt Nijvel omstreeks 08u30 en zal hier de ganse dag uitrusten. Te 19u30 wordt de mars hervat. De medische eenheden worden doorgezonden naar het achtergebied en zullen in de komende dagen te Aalter en Waardamme gehergroepeerd worden.
14mei.jpg
HK III/LK
Het Groot Hoofdkwartier besluit om de opstelling van het veldleger langsheen de K.W. Stelling te dekken met een strategische reserve van drie divisies, onder het bevel van het IIIde Legerkorps:
  • De 1ste Infanteriedivisie zal in de zone rond Kapelle-op-den-Bos en Beigem ingekwartierd worden.
  • De 4de Infanteriedivisie krijgt de zone rond Grimbergen toegewezen.
  • De in de gevechten te Lummen zwaar getroffen 14de Infanteriedivisie zal tussen Kapelle-op-den-Bos en Breendonk ondergebracht worden.

Van deze drie formaties is de 1ste Infanteriedivisie er relatief het best aan toe. De 4de Infanteriedivisie is na de vlucht van het Albertkanaal geheel uitgeput. De 14de Infanteriedivisie is niet strijdvaardig.

Het hoofdkwartier van het legerkorps dient zich te Steenhuffel te installeren.
15mei.jpg
HK III/LK
Zowel de 4de Infanteriedivisie als de 14de Infanteriedivisie worden doorgestuurd naar het achtergebied. De 4de Infanteriedivisie zal het Bruggenhoofd Gent bezetten tussen Kwatrecht en Semmerzake. De 14de Infanteriedivisie marcheert naar Dendermonde en wordt hier op de trein gezet om aan de kust te reorganiseren.

Geneeskundig Korps III/LK
Het geneeskundig korps vestigt zich te Waardamme en blijft er tot 18 mei.
16mei.jpg
HK III/LK
Het korps blijft achter het Kanaal van Willebroek, maar zijn opdracht wordt drastisch gewijzigd wanneer het geallieerde oppercommando beslist op de lijn Antwerpen-Waver-Namen op te geven. Voor ons leger betekent dit dat de K.W. Stelling tijdens de nacht van 16 op 17 mei zal verlaten worden. De troepen van deze stelling zullen zich in een eerste nachtelijke etappe ten westen van het Kanaal van Willebroek moeten begeven en zullen tot en met de nacht van 17 op 18 ,ei gedekt worden door een verdedigingslinie langsheen het kanaal die onder bevel van het IIIde Legerkorps zal staan. De opstelling langsheen het kanaal wordt als volgt bepaald:
  • De 1ste Infanteriedivisie verdedigt de sector noord, van de Rupel tot en met Willebroek.
    • Het 4de Linieregiment bezet ondersector noord van de monding van de Rupel tot Ruisbroek.
    • Het 24ste Linieregiment krijgt ondersector centrum rond Ruisbroek en Boom toegewezen.
    • Het 3de Linieregiment zal ondersector zuid van de brug van Boom tot Willebroek verdedigen.
  • Het beide regimenten van de grenswielrijders verdedigen sector zuid, van Tistelt tot Vilvooorde.
  • Vanaf Verbrande Brug te Vilvoorde start de Britse legerzone.
  • Het hoofdkwartier van het legerkorps blijft te Steenhuffel.

Er is even sprake om de grenswacht te versterken met het 4de Regiment Carabiniers-Wielrijders, maar deze eenheid in de planningsfase vervangen door het 1ste Licht Regiment. Het 4Cy zal doorgestuurd worden naar Merchtem om hier de reserve te vormen van de zuidelijke sector van de kanaalstelling. Het gehucht Verbrande Brug te Vilvoorde vormt de scheidingslijn tussen de Belgische en Britse legerzones en het IIIde Legerkorps wil het regiment klaar houden om eventueel tussenbeide te komen bij een voortijdige Duitse doorstoot over Brussel.
17mei.jpg
HK III/LK
In het kielzog van de troepen die van de K.W. Stelling wegtrekken, maakt de vijand al snel contact met het IIIde Legerkorps op het Kanaal van Willebroek. De eerste gevechten breken uit ter hoogte van de vernielde kanaalbruggen in de ondersector van het 1ste Regiment Grenswielrijders te Kapelle-op-den-Bos en te Sas en in de ondersector van het 2de Regiment Grenswielrijders te Verbrande Brug en Vilvoorde. De vijand kan het kanaal oversteken te Kapelle-op-den-Bos en blijkt een bruggenhoofd te kunnen behouden. Om de flankdekking van de 1ste Infanteriedivisie te verzekeren, wordt het 4de Linieregiment verplaatst op een dwarssstelling van Breendonk tot Sint-Amands.

Omstreeks 20u00 breken ook gevechten uit te Willebroek en na het vallen van de duisternis kan de vijand ook hier de westelijke oever bereiken. De oversteekpoging zal tijdens de nacht van 17 op 18 mei teniet gedaan worden door het 3de Linieregiment.
18mei.jpg
HK III/LK
De 1ste Infanteriedivisie dient op post te blijven langsheen het Kanaal van Willebroek tot de aftocht van de 15de Infanteriedivisie uit de zuidelijke zone van de Versterkte Positie Antwerpen voltooid is. De zuidelijke sector is tijdens de nacht van 17 op 18 mei ontruimd en de grenswielrijders en de Rijkswacht trekken zich terug en verlaten het commando van het IIIde Legerkorps.

Van uit diverse hoeken komt kritiek op de verdediging van het Kanaal van Willebroek. Luitenant-generaal Verstraete, bevelhebber van het VIde Legerkorps, laat zich bijzonder negatief uit over het gebrek aan standvastigheid bij het 1ste Licht Regiment. Het Groot Hoofdkwartier is niet te spreken over de nervositeit die heerst op het hoofdkwartier van Luitenant-generaal de Krahe. Na de aftocht van het Kanaal van Willebroek zal de Krahe een tweederangsrol toegespeeld krijgen. De staf van het IIIde Legerkorps zal pas op 22 mei een nieuwe opdracht krijgen in het achtergebied.

Geneeskundig Korps III/LK
De medische eenheden van het III/LK verplaatsen zich naar Passendale.
19mei.jpg
HK III/LK
20mei.jpg
HK III/LK
21mei.jpg
HK III/LK
22mei.jpg
HK III/LK
Na de Duitse doorstoot tot Abbeville aan de Atlantische kust zijn de geallieerde legers in Noord-Frankrijk en Vlaanderen geheel omsingeld. Het geallieerde oppercommando heeft op 21 mei tijdens de Conferentie van Ieper besloten om de Schelde-linie op te geven. Hierop bepaalt de Belgische legerleiding tijdens de ochtend van 22 mei dat onze strijdkrachten niet zoals afgesproken zullen terugtrekken naar de Ijzer, maar stand zullen houden langsheen de Leie en het Afleidingskanaal van de Leie. Het Groot Hoofdkwartier laat deze terugtocht in twee fases uitvoeren en bepaalt dat de troepen opgesteld tussen het Bruggenhoofd Gent en Oudenaarde zich tijdens de nacht van 22 op 23 mei moet terugtrekken naar de Leie. In deze eerste fase zullen tevens een aantal troepen teruggetrokken worden uit het Bruggenhoofd Gent, de stad Gent en het Kanaal Gent-Terneuzen. Deze zones zullen dan definitief ontruimd worden tijdens de nacht van 23 op 24 mei. Om de Britten toe te laten meer troepen vrij te maken voor de geplande tegenaanval rond Arras, geeft onze legerleiding zijn akkoord om de 44th Infantry Division aan de Schelde af te lossen en de Belgische linies aan de Leie tot aan de rand van Menen te verlengen. De aflossing aan de Schelde wordt afgelast door de snelle ontwikkeling van de Duitse opmars.

Voor het IIIde Legerkorps betekent deze terugtocht dat de Ijzer en het Kanaal Ieper-Ijzer niet naar het oosten, maar naar het westen zullen verdedigd worden om een eventuele Duitse doorstoot naar de Belgische legerzone langsheen de Kanaalkust te blokkeren. Vanaf Nieuwpoort tot en met Kilometerpaal 15 van de Ijzer zal de 15de Infanteriedivisie onder bevel van de Maritieme Basis post vatten. Vanaf Kilometerpaal 15 tot Kilometerpaal 25, het Kanaal Ieper-Ijzer tot en met Ieper zal het IIIde Legerkorps verantwoordelijk zijn voor de verdediging. Luitenant-generaal de Krahe krijgt hiervoor de beschikking over:

Het initiële plan bestaat er in om de 14de Infanteriedivisie op de Ijzer te ontplooien, gevolgd door het 2de Licht Regiment langsheen het Kanaal Ieper-Ijzer en het Bataljon Motorwielrijders Ardeense Jagers rondom Ieper.

Transportports III/LK
Het ARCA en het ARM worden opgesteld te Rumbeke en zullen tevens moeten werken voor het IVde Legerkorps en het VIIIde Legerkorps die samen het Leie-front zullen verdedigen.
23mei.jpg
HK III/LK
Kort na aankomst van het Bataljon Motorwielrijders Ardeense Jagers wordt deze eenheid teruggeroepen naar de zuidelijke flank van het Leie-front. De verdediging van Ieper wordt hiermee een onduidelijke zaak, temeer daar ook het 2de Licht Regiment nog niet op zijn bestemming is. Deze laatste formatie komt aan op het Kanaal Ieper-Ijzer vanaf 19u00 en start de ontplooiing.

Geneeskundig Korps III/LK
De medische eenheden van het III/LK verhuizen naar Gits.
24mei.jpg
HK III/LK
25mei.jpg
HK III/LK
Ook het 2de Licht Regiment verlaat het IIIde Legerkorps. De Rijkswachters vertrekken naar het gebied tussen Roeselare en Menen om de Duitse doorbraak aan het zuidelijke Leie-front te helpen keren. De verdediging van het Kanaal Ieper-Ijzer wordt doorgeschoven naar het 36ste Linieregiment. De 14de Infanteriedivisie wordt op die manier uitgespreid over een bijzonder grote sector. De weinige artilleriesteun wordt geleverd door de in Vlaanderen gebleven elementen van het 31ste Regiment Artillerie. De Britse 5th Infantry Division moet post vatten tussen Ieper en Komen om een opening in de frontlinie te voorkomen.

Op zijn linkerflank is zo een zone van een 10-tal Kilometer ontstaan die niet bezet is door troepen. Langsheen de Ijzer en het Kanaal Ieper-Ijzer is een vreemde situatie ontstaan. Het Belgische leger verdedigt de beide waterlopen richting westen om een Duitse doorbraak uit Noord-Frankrijk te kunnen blokkeren, terwijl de Fransen en Britten op de linkeroever post gevat hebben met front naar het oosten, precies om een vijandelijke opmars naar de perimeter van Duinkerken af te dekken. Alleen bij de spoorbrug te Boezinge hebben de Belgen samen met de Fransen post gevat richting oosten.
26mei.jpg
HK III/LK
Luitenant-generaal de Krahe meldt dat de bezetting van Ieper niet gerealiseerd is en ook de verbinding met de 5th Infantry Division niet tot stand is gekomen.

Het zijn de Britten die het initiatief nemen om alle kunstwerken op het Kanaal Ieper-Ijzer te vernielen, met uitzondering van de beide bruggen te Boezinge en de brug te Steenstrate.

Het legerkorps beschikt over de volgende troepen:

Met deze elementen worden de volgende zones verdedigd:
  • Tussen Kilometerpaal 15 en 25 van de Ijzer en langsheen het Kanaal Ieper-Ijzer wordt de oostelijke oever verdedigd tegen een aanval uit het westen.
  • Tussen Kilometerpaal 19 van de Ijzer en Kilometerpaal 18 van de baan van Diksmuide naar Woumen en de zuidrand van Klerken wordt front gemaakt naar het zuiden.
  • De bruggen over het Lo-kanaal worden verdedigd als afzonderlijke steunpunten.
  • De 2de Groepering Hulptroepen van het Leger wordt ingezet om de Belgisch-Franse grens onder surveillance te houden.
27mei.jpg
HK III/LK
De Franse en Britse troepen langsheen het Kanaal Ieper-Ijzer maken geen aanstalten om naar het noorden te vorderen en wachten de vijand af.

Rond Ieper wordt de continuïteit van de frontlinie zo goed en zo kwaad mogelijk verzekerd door detachementen van het Franse leger, en het Bataljon Motorwielrijders Ardeense Jagers dat samen met het Eskadron Wielrijders van de 1ste Infanteriedivisie het gat tussen Langemark en Zonnebeke tracht te dekken.

Wanner het Groot Hoofdkwartier zich neergelegd heeft bij het nakende einde van de strijd, krijgt het IIIde Legerkorps om 15u15 het bevel om tot het tijdstip van de Belgische overgave een bijdrage te leveren aan de verdediging van Duinkerken. Tussen Steenstrate en de Belgische Kust moet nu front gemaakt worden naar het oosten langsheen het Kanaal Ieper-Ijzer en de Ijzer. Klerken moet bezet worden met één bataljon dat front naar het zuidwesten dient in te nemen. De 14de Infanteriedivisie brengt zijn steunelementen over naar de linkeroever en start met het verplaatsen van zijn troepen. Een compagnie van het 35ste Linieregiment wordt toegewezen aan de verdediging van Lo. Een compagnie van het 38ste Linieregiment wordt verdeeld over de brug van Schoorbakke en de brug van Sint-Joris. De overige troepen die nog te Veurne zijn, worden doorgestuurd naar het sluizencomplex van Nieuwpoort.

Luitenant-generaal de Krahe laat om 18u35 weten dat de vijand contact gemaakt heeft met zijn troepen te Pilkem. Het gaat slechts om schermutselingen en de Duitsers lijken niet uit te zijn op een belangrijke aanval. De generaal zit veel meer verveeld met de Franse troepen die in hun ongeduld de bruggen van Boezinge en Steenstrate opgeblazen hebben en hiermee het IIIde Legerkorps van zijn laatste overgangspunten over het Kanaal Ieper-Ijzer ontdaan hebben.
28mei.jpg
HK III/LK

Register van Gesneuvelden

Hyg Plg

ELIAS

Léopold, E.

Brig
Mil
17

16/02/1897

Boncelles

27/05

Lichtervelde


PARA/TptK

JAKOBY

Aloïs, D.

Sdt
Mil
33

01/07/1913

Reuland

12/05

Gembloux


PARA/TptK

ROBIN

Léon, J.A.

Kpl
Mil
32

16/07/1910

Nafraiture

17/05

Péronnes (F)


PARA/TptK

SCHMITZ

Nicolas, E.

Kpl
Mil
33

11/01/1913

Recht

12/05

Gembloux


Bovenstaande lijst werd opgemaakt aan de hand van het bestand der gesneuvelden van de Achttiendaagse Veldtocht van het Centrum voor Historische Documentatie van Defensie, aangevuld met zorgvuldig getoetste gegevens uit personeelsdossiers van de Sectie Administratieve Expertise - Ondersectie Notariaat van Defensie, het steekkaartenbestand van het IV-NIOOO en enkele overlijdensakten op bel-memorial.org. Meer informatie over het bestand der gesneuvelden vindt U op de pagina Aanpak en Achtergrond. Geverifieerde aanvullingen en correcties bij deze lijst zijn van harte welkom op 18daagseveldtocht@gmail.com
IIILK_Sdt_Robin.jpg



Sdt Robin



Bibliografie en Bronnen